donderdag 18 oktober 2012

Paralympics - deel 7 (Rwanda - Bosnië)

Maandag 3 september was de datum van de laatste wedstrijd in de poulefase. De tegenstander in deze wedstrijd was Bosnië, vier jaar geleden nog verliezend finalist op de Paralympics in Peking. Dat zou nog een behoorlijke harde dobber worden voor het zitvolleybalteam van Rwanda.

De wedstrijd zou pas om negen uur ’s avonds beginnen. Ik had dus nog een hele dag de tijd om iets anders te doen. Voor het eerst had ik geen afspraken met iemand. Een mooie dag om eindelijk eens de toerist uit te gaan hangen in Londen.
 
Nicole werkt in het centrum van Londen, in het gebouw van de Houses of Parliament. Het was een gewone maandag en voor haar was het een gewone werkdag. s’ Ochtends ben ik gelijk met haar naar station Strawberry Hill te gaan om gezamenlijk via trein en metro, na een rit van ongeveer een uur, in het metrostation Westminister uit te stappen. Dit ritje moet zij dus elke dag maken om op haar werk te komen. Dan woon je wel in Londen, maar toch duurt het nog een uur om aan te komen bij je werk.
Buiten bij het station van Westminister hebben we afscheid genomen. Zij ging naar haar werk en ik heb eerst maar even een koffie gedronken in een hippe koffietent. Het was een prachtige dag en dat leek mij dus een goede gelegenheid om voor een bedrag van £ 8 een boottochtje over de Thames te maken. Samen met een heleboel andere toeristen vertrokken we bij Westminister.
Het zonnetje scheen  en het was heerlijk aangenaam op het dek. Wij voeren langzaam voorbij aan de verschillende toeristische attracties, intussen vermaakte de kapitein van het schip met allerlei wetenswaardigheden, opgeleukt met soms aardige, soms wat flauwe grappen. De grap over Prince Charles onthouden. Deze had de Tate Modern benoemd als lelijkste gebouw van Engeland. Daarbij had de kapitein toegevoegd, dat dit dan ook wel zou kloppen, omdat de prins een expert is op het gebied van ‘ugly looking things’.


Gedurende de reis van een uur gingen we voorbij aan allerlei gebouwen, zoals  de London Eye, Somerset House, St. Paul’s (in de verte), Tate Modern, Custom House, de Tower of London of anderen zonder naam of toenaam.
 
Tevens gingen we onder diverse bruggen door. Te beginnen met Hungerford Bridge, achtereenvolgens  Waterloo Bridge, Blackfriars Bridge, Sourthwark Bridge, London Bridge en tenslotte natuurlijk de befaamde Tower Bridge, voor de gelegenheid gedecoreerd met de symbolen van de Parlympics.

Na een uur kwamen we aan bij het eindpunt Greenwich. De boot bleek echter nog verder te gaan. Deze ging nog door tot de Thames Barrier om daar weer om te keren en zodoende wederom na een uur aan te leggen bij wederom Greenwich. Het weer was prachtig, ik had geen grootse plannen, dus heb ik dit extraatje voor £ 2 er bij genomen.
 
Onderweg was er niet zo heel veel te zien, de tocht bleef echter zeer aangenaam. De Thames Barrier is een enorme constructie om een overstroming te voorkomen bij stormvloed of hoogtij. Hij deed me denken aan de balgstuw van Ramspol, in de buurt van Kampen.

In Greenwich was ik nog nooit geweest. Een mooie reden om het geografische centrum van de wereld eens te gaan bezoeken, namelijk de nulmeridiaan van Greenwich in de Royal Observatory. Je kunt dan met je ene voet op coördinaten met een oosterbreedte bevinden en met je andere op die met een westerbreedte. Dat doet dan ook iedereen.
 
Aan het eind van de middag heb ik de Greenwicht Foot Tunnel, een tunnel onder de rivier Thames door, genomen. Midden in de tunnel lekte er water door, dan leek me wel een beetje angstig, dus ben ik maar snel doorgelopen om zodoende aan de noordkant er weer uit te komen. Daar heb ik de metro genomen om naar de ExCeL arena te gaan voor mijn laatste wedstrijd van het zitvolleybal.

Ik was ruim op tijd voor het zitvolleybal van Rwanda. Als voorgerecht had ik nog wat tafeltennis op het menu staan, maar om negen uur was dan daadwerkelijk het hoofdgerecht: de laatste wedstrijd van Rwanda in de voorronde. De zaal was nog niet voor de helft gevuld, daardoor kreeg ik wederom vraagtekens omtrent het feit dat het zo moeilijk was om een kaartje voor de diverse wedstrijden te kopen.
 
De Nederlandse coach Pieter Karreman en een speler waren er niet bij. Ik begon te denken aan allerlei doemscenario’s. Waren de eerste koppen gerold na drie nederlagen? Gelukkig bleek het mee te vallen. De coach was wegens familieomstandigheden naar Nederland vertrokken en de betrokken speler was ziek. 


 

Bosnië was een hele sterke tegenstander en dat bleek al gelijk in de eerste set. Dat team was duidelijk beter dan Rwanda. Toch was dit tot nu toe de beste wedstrijd van Rwanda. De rally’s waren veel langer, met als uiteindelijk resultaat dat de punten toch weer naar de Bosniërs gingen. De eerste set eindigde in 25-7.

De tweede set kon Rwanda de tegenstander best lang redelijk bijbenen. Rwanda begon zelfs met een 1-0 voorsprong. Getuige de tussenstanden 11-8, 14-9 en 18-11 kon Rwanda best nog wel redelijk in de buurt blijven voordat de set eindigde in 25-12.


De derde set was van het zelfde laken een pak. Rwanda werd echt de publiekslieveling omdat ze als underdog zo moedig partij gaven tegen een veel betere tegenstander. De eindstand was 25-8.


Halverwege de tweede set kwam er op het persgedeelte opeens iemand in een pak van Rwanda een camera opstellen. Het ging allemaal op zijn dooie gemak en nadat deze was geïnstalleerd ging hij weer weg. Gezien zijn afwezigheid leek het leek mij niet dat er opnames werden gemaakt. Na afloop van de wedstrijd pakte hij alles weer in. Ik vroeg me af wat de ratio was van deze handeling. Waarom pas beginnen als de wedstrijd al ver is gevorderd? Zijn er wel echt opnames gemaakt? Door wie en voor wie? Was dat weer een van de bekende Rwandese praktijken van een matige uitvoering van een op papier wel goed plan? Vragen waarop ik geen antwoord gekregen.

 
Het was tien uur en de voorrondes waren voorbij voor Rwanda. Alle wedstrijden waren met 3-0 verloren gegaan. Dat is spijtig om te moeten constateren, maar het is helaas niet anders. Op papier waren ze ook het minste team in de poule en dat is het ook niet verbazingwekkend dat alle wedstrijden verloren zijn gegaan. Ik had gehoopt op misschien een setwinst, maar dat zat er helaas niet in. Wel kon in de vier wedstrijden een stijgende lijn ontdekken. In de eerste wedstrijden leek het of ze onder de indruk waren van de omstandigheden, waardoor ze duidelijk onder hun niveau hebben gespeeld. In de latere wedstrijden boden ze in ieder geval competitie aan de tegenstanders. Zo’n eerste deelname aan een toernooi moet ook gezien worden als een leerproces.
 
Het einde van de poulefase was een reden om mijn bezoek in stijl af te sluiten. Deze keer was Celestine er ook bij, ik ken hem nog vanuit Rwanda. Hij werkt bij NPC en was mee naar Londen als lid van de officiële delegatie. Een heel hartelijke persoonlijkheid en het was dus goed om hem weer te ontmoeten.


Clema, de vriendin van Simon, was er ook weer bij. Zij is zeer goedlachs en aangenaam gezelschap. Conversatie met haar is echter moeilijk. Zij kent geen woord Engels en heel klein beetje Frans. Via Simon, die inmiddels wat Kinyarwanda kent, kunnen we wat communiceren. Zij is voor het eerst buiten Rwanda en heeft haar ogen uitgekeken. Een voorbeeld van cultuurschok voor haar was de roltrap. Daar kon ze echt niet mee overweg en ze gewoonweg bang om er op te gaan staan. Als er een trap was, maakten we daar dan ook zo veel mogelijk gebruik van.
 
Na afloop werden we nog vergezeld door twee Duitse vrienden van de paralympische sport in Rwanda. Met zijn zessen zijn we op zoek gegaan naar een geschikte kroeg. Eerst met de metro en dan een stukje lopen.


Het werd The Goldengrove in Stratford. Deze kroeg heeft tenminste een uitstraling van een beetje authentieke kroeg. Het is onderdeel van de Wetherspoon keten. Bij deze keten zijn inmiddels meer dan 800 kroegen in Groot Brittannië aangesloten. De filosofie van deze keten is onder andere om tegen betaalbare prijzen een ‘comfortable, attractive and welcoming enviroment’ af leveren. 
Dat is zeker gelukt, want de sfeer was aangenaam en de prijzen waren veel lager dan wat ik eerder had gezien on Londen. Deze keer had ik zes drankjes voor ruim £ 14. Verder bevond ik mij in aangenaam gezelschap om de laatste avond in Londen af te sluiten.

zondag 14 oktober 2012

Paralympics - deel 6 (Rwanda - China)

Voor 2 september stond de derde wedstrijd van Rwanda op het programma. Deze keer zou China de tegenstander zijn. De wedstrijd stond als allereerste van de dag op het programma. Om negen uur zou deze al zijn aanvang nemen.

Dat betekende dus vroeg uit de veren. Hoewel het de bedoeling was om ruim voor aanvang van de wedstrijd aanwezig te zijn, is dat toch niet helemaal gelukt. Op zondagmorgen rijdt de metro toch iets minder frequent dan door de week en dat zorgde ervoor dat ik maar juist voor het fluitsignaal voor het begin van de wedstrijd op de tribune kon plaatsnemen. Ik had met Nicole afgesproken om samen naar deze wedstrijd te gaan kijken. Gelukkig had zij last van hetzelfde euvel als ik en was slechts enkele minuten voor mij gearriveerd. De tribune zat echter nog lang niet vol, wij vonden elkaar al snel en hadden een mooi plekje vooraan.
 
 
Nicole was al uitgedost in een echt Rwandees shirt van het voetbalelftal. Ze had ook het shirt van haar man Paul meegenomen die ik voor de gelegenheid mocht aandoen. Vooraan zaten dus twee echte fans van Rwanda en dan had ik ook nog mijn kleine Rwandese vlaggetje bij me. Dat moet goed te zien zijn geweest.


De eerste set was begonnen. Ook dit keer was de start niet veelbelovend. Binnen de kortste keren stond Rwanda al weer ruim achter (9-1). Toch werden ze na de wankele openingsfase gaandeweg beter. De rally’s werden wat langer en het spel zag er gewoon beter uit dan de voorgaande wedstrijden. Desalniettemin ging deze wedstrijd toch met ruime cijfers verloren: 25-10.


In de tweede set ging het gelijk een stuk beter. Tot 6-5 leken ze gelijk op te gaan, maar in de loop van de wedstrijd nam China toch langzamerhand afstand. Maar China kreeg de punten niet cadeau en kon pas na veel slagenwisselingen over en weer de set naar zich toe te trekken: 25-13.

 
Het beste spel bewaarde Rwanda voor de derde set. Eerst kwamen ze weliswaar met 8-3 achter, maar van daaruit vochten ze zich bekwaam terug in de match met als gevolg dat ze op een gegeven moment zelfs een 12-11 voorsprong namen. Zouden ze dan toch in staat zijn om een set te pakken? Waarschijnlijk waren ze zelf ook een beetje onder de indruk van deze mogelijkheid met als gevolg dat er toch weer slordigheden in hun spel kwam. Het werd nog wel gelijk met 14-14, maar daarna was de koek op. China won de derde set met 25-17.



Helaas ging dus ook de derde partij van Rwanda verloren, maar ze konden nu in ieder geval met opgeheven hoofd de arena verlaten. Aan Nicole en mij had het in ieder geval niet gelegen. Wij hebben ze aangemoedigd voor elk punt en waren duidelijk aanwezig met onze Rwandese shirts.
Tijdens de pauze tussen de sets worden we telkens getrakteerd op entertainment. De grootste attractie is de Bongo Cam. De overenthousiaste presentator is tussen het publiek gaan staan. Op diegene naast de presentator wordt de camera gericht, dan verschijnt dan op het scherm in de wedstijdhal met als extra twee bongo’s. Het is de bedoeling om dan met je handen in de lucht te slaan om net te doen of je op de bongo’s speelt. Na enige tijd zwenkt de camera naar de volgende die op haar of zijn beurt aan de slag mag.


Ook worden tijdens de set, bijvoorbeeld bij een time-out, opzwepende liederen gespeeld, zoals “We will rock you” van Queen. Dit om de sfeer er goed in te krijgen. En ik moet zeggen, dat lukt ze aardig. Ondertussen kunnen we dan ook nog de jongelui aanschouwen die met bezems de vloer schoonmaken in een stramien, wat altijd het zelfde is. Op precies dezelfde wijze werd in november vorig jaar in Kigali de vloer schoongeveegd. Daar zullen wel internationale afspraken over zijn.
De tweede wedstrijd van de ochtend hebbe we ook nog bekeken en dat was toevallig een wedstrijd van het Nederlandse damesteam. De tegenstander was Oekraïne. Een gedeelte van de tribune was opeens gevuld met allerlei mensen gehuld in oranje.


Nederland begon de eerste set voortvarend. Het leek duidelijk het betere team. Men kwam voor met 13-8 en later met 16-12. Maar daarna werden onnodig punten ingeleverd en kwam er een 20-20 tussenstand op het scorebord. Toch waren ze met een 23-21 stand nog maar twee punten verwijderd van de setwinst. Dat bleek helaas niet voldoende, want uiteindelijk ging deze met 26-24 verloren. Het gevoel overheerste dat deze set eigenlijk uit handen is gegeven. De tweede set ging een stuk beter. Nederland walste over Oekraïne heen: 25-15. Het leek er nu op dat Oranje de wedstrijd naar zich toe zou trekken.

 
Niets was echter minder waar. In de derde set waren de rollen opeens omgedraaid. Oekraïne won deze keer met nog ruimere cijfers: 25-11. De vierde set was niet zo slecht als de vorige, maar de Nederlandse dames keken al vrij snel tegen een flinke achterstand aan en konden die nooit meer goed maken. Oekraïne won met 25-19. Nederland had uiteindelijk terecht met 3-1 verloren. De dames werden er in de loop van de wedstrijd ook niet sympathieker op. Toen het duidelijk minder begon te gaan, begonnen ze steeds meer verwijten te maken naar elkaar, maar bovenal richting de scheidsrechter. Terwijl ze de nederlaag toch echt aan zichzelf hadden te danken. Maar het laat wel zien, dat het hier om echte topsport gaat, waarbij soms ook het lelijke van mens naar voren komt.

De wedstrijd van Nederland is in samenvatting op de Nederlandse televisie geweest. In de herhaling heb ik deze nog gezien. Als je goed kijkt zie je op een gegeven moment twee mensen in het geel helemaal vooraan. Dat zijn wij!
Na de volleybalwedstrijden hebben we nog wat andere sporten bekeken zoals powerliften en tafeltennis. Maar daarna zijn we gezamenlijk begonnen aan de lange weg met de metro van de plek waar de wedstijden werden gehouden naar het huis van Nicole. Dat ligt namelijk een behoorlijk eindje uit elkaar. Het volleybal is helemaal aan de oostkant van de stad. Het huis van Nicole is in Twickenham, helemaal aan de westkant van de stad. Na een rit van ongeveer anderhalf uur konden we uitstappen met het station van Strawberry Hill. Dan is het nog vijf minuten lopen naar het huis van Nicole.
 
Ze wonen in een mooi huis dat grenst aan het spoor. De spoor is op een verhoging van minstens twee meter en vlak naast hun huis is een onderdoorgang onder het spoor. Toch heb ik niet veel gemerkt van het feit dat hun huis er zo dichtbij is. Het huis zelf voelde warm en had een bijzondere uitstraling, vooral ook door haar ligging.



Het is ook goed om Nicole’s man Paul weer te ontmoeten en hun beide zonen, Daniel en Theo. Bij het eerste verblijf van Wilma en Marte in Rwanda, in het voorjaar van 2011, heeft Marte regelmatig met de beide jongens gespeeld.
 
Voor de vroege zondagavond hadden de jongens, misschien met een beetje hulp van Paul een heerlijke maaltijd in elkaar gezet. Het was ook fijn om met hun herinneringen op te halen en te horen en vertellen wat er met ons sinds die tijd is gebeurd.

Die avond was het vroeg naar bed, vooral omdat de volgende dag Daniel zijn eerste schooldag van het jaar zou hebben. De jongens hebben naast school ook een behoorlijk druk bestaan, want ze hebben elke dag van de week wel een sport, bijvoorbeeld hockey en tafeltennis, of een andere activiteit op het programma staan. Het was begin september, het nieuwe seizoen staat te popelen om te beginnen, het was nog een heel gepuzzel om de indeling voor de gehele week voor elkaar te krijgen. Daar was echt een heus schema voor nodig. Grappig om dat ze mee te maken.
Zo eindigde een rustige avond in een buitenwijk van Londen, de drukke binnenstad leek heel ver weg,

vrijdag 12 oktober 2012

White Hart Lane en sing-along

Op 1 september speelde Rwanda niet. Dat voelde als een vrije dag, een dag om eens niet naar de Paralympics te gaan. En kwam het even goed uit dat het zaterdag was. Dat betekent dat er wordt gevoetbald!

Ik ben nog nooit bij een wedstrijd geweest van de Premier League en dat was dus de gelegenheid om een wedstrijd te bezoeken. Voor mijn vertrek naar Engeland had ik al contact opgenomen met Mark, die ik ken vanuit Rwanda en inmiddels weer terug was in Engeland, om te kijken of het mogelijk was om een kaartje voor mij te regelen voor de wedstrijd van Tottenham Hotspur. Hij is al jarenlang fan van deze club en heeft een seizoenkaart. Gelukkig was dat mogelijk. Ik zou dus naar het legendarische stadion White Hart Lane gaan, de thuisbasis van de Spurs. Tegenstander: Norwich City.
’s Ochtends was ik nog in Cambridge, met de trein weer terug naar Londen. Dan snel even de bagage achterlaten bij het European Hotel, waar ik nog meer even gauw een nachtje heb bijgeboekt. Deze keer voor het veel duurdere tarief van £ 60. Dan met de metro maar snel door naar het station Seven Sisters. Daar zou ik Mark ontmoeten om gezamenlijk naar het stadion te gaan.


Daar stond ik dan te wachten bij de uitgang van het metrostation. Ik zag velen voorbijlopen, meestal mannen, waarin duidelijk te zien was dat ze ook op weg zouden gaan naar het stadion. Ondertussen kon ik rustig rondlopen om me eens te gaan verdiepen in de omgeving. Onwillekeurig moest ik ook denken aan de rellen die er vorig jaar zomer waren uitgebroken in deze wijk. Met als gevolg vijf doden, vele gewonden en heel veel schade aan gebouwen. Niets leek nu er op te duiden dat dat hier heeft plaatsgevonden.
 
Daar was Mark. Met het kaartje. Hij vroeg of ik met de bus naar het stadion wilde of dat ik wilde lopen. Natuurlijk wilde ik lopen. Dat hoort bij een voetbalwedstrijd in een volkswijk. Dan hoor in een aanzwellende menigte van gelijkgestemden door de wijk te lopen. Of beter gezegd eerst even naar de kroeg om daar een bier op de goede afloop te drinken.


De wandeling is iets meer dan een kwartier. We lopen over de High Road. In deze winkelstraat lijkt elke winkel wel te worden uitgebaat door een andere bevolkingsgroep. De hele wereld leek wel te zijn vertegenwoordigd. Met recht een multiculturele wijk. Dan zijn we aangekomen bij de pub waar we een bier gaan halen. Dit is qua klanten nog wel een bastion van blanke Engelse mannen. Onlosmakelijk verbonden met een zaterdagse voetbalwedstijd.
 
 
 Daarna gaan we verder, werkelijk op weg naar het stadion. Gezien het aantal mensen moeten we dichtbij zijn, maar ik kan nog steeds niets zien. Dan verschijnen plotseling de eerste contouren van het stadion. Wat ziet de buitenkant van White Hart Lane er lelijk uit.


De kaartjes zijn goed en we mogen naar binnen. Van binnen ziet het er wel fantastisch uit. Een heerlijke groene grasmat en de tribunes, al flink gevuld, lopen door tot vlak op het veld. Het zonnetje schijnt. De sfeer is goed en niets lijkt een heerlijk middag in de weg te staan.


Mark is seizoenkaart houder bij Tottenham, samen met zijn zus en vader. Ze hebben drie plaatsen naast elkaar. Alle drie grote fans! Mijn kaartje is iets verderop. Afgesproken is dat Mark een sms zou sturen als bij aanvang blijkt dat er een plaatsje vrij is bij hen in de buurt. Dat was gelukkig het geval en even later zit ik op een stoel juist boven de drie familieleden.


Ik had nog gehoopt om Rafael van der Vaart te zien schitteren in het tenue van de Spurs, maar dat is me door de neus geboord. Hij had de vorige dag, op de laatste dag dat er nog spelers konden worden verhandeld, nog snel even een nieuw contract met HSV afgesloten. Zijn liefje is een ster in Duitsland, dus dat zal ongetwijfeld een rol hebben gespeeld bij deze verhuizing. Ik moest het doen zonder Nederlandse inbreng bij deze wedstrijd.


Wel speelde Jan Vertonghen (ex-Ajax) sinds dit seizoen bij Tottenham Hotspur en hij speelde de hele wedstrijd mee. Dat viel nog niet mee, want gedurende de gehele wedstrijd is hij de middellijn niet over geweest. Hij speelde een beetje afwachtend en kon of wilde zich niet bezig houden met de opbouw van de aanval. Dat laatste was volgens mij toch een van zijn sterke punten bij Ajax. Maar ja, hij speelde er nog maar net en moest misschien een beetje wennen.
De wedstrijd was vrij matig. Veel foute passes en weinig vloeiende aanvallen. Norwich City was zeker niet de mindere van het thuisspelende en hoger aangeslagen Tottenham Hotspur. Eigenlijk was Norwich de betere ploeg. Het goede keeperswerk van Brad Friedel zorgde ervoor dat het bij rust nog gewoon 0-0 was. Het publiek begon zijn ongenoegen al te laten horen.


Bij Tottenham was er in de rust een wissel. Moussa Dembele (ex-AZ) kwam in de ploeg. Hij was nog maar net gekocht van Fulham en speelde nu zijn eerste wedstrijd voor zijn nieuwe team. Dat zorgde ervoor dat er nu twee Belgen met een verleden in de Eredivisie in het veld stonden. Toch nog een beetje een Nederlands tintje.


Het niveau van de wedstrijd bleef onder de maat, maar Dembele zorgde wel wat voor meer commotie. Hij was gelijk de meest gevaarlijke man van Tottenham. Norwich bleef het betere team, maar Dembele zorgde ervoor dat Tottenham, tegen de verhouding in, in de 68e minuut aan de leiding kwam. Daarna kreeg Tottenham een poosje het overwicht zonder echt grote kansen te krijgen. Maar in de loop van de tweede helft werd het initiatief weer uit handen gegeven en dat zorgde ervoor dat Norwich in de 85e minuut alsnog gelijk kon maken. Al met al een verdiende uitslag.


Door dit gelijkspel bleef Tottenham in de onderste regionen van de Premier League. Met twee punten uit drie wedstrijden stonden ze nu de derde speelronde op een teleurstellende 14e plaats. Het publiek morde. Het spel was niet om aan te zien en dat leverde ook nog geen punten op. Mopperend ging de hele meute weer naar buiten.
Men leek al te gaan beginnen met het zagen aan de poten van de stoel van de huidige trainer. Buiten stond een imitatie van de vorige uiterst succesvolle trainer Harry Redknapp te solliciteren naar zijn oude baan. Deze imitator kreeg in ieder geval de lachers op zijn hand.

 
Ik vond het fantastisch om deze wedstrijd mee te maken, ondanks de matige wedstrijd. Maar de hele entourage maakte alles goed. Het volle stadion, het groene gras, het publiek en ook de hele opbouw naar zo’n wedstrijd. De wandeling naar het station. Staande een bier drinken vlak bij het stadion.

Voor die avond was ik uitgenodigd om te komen eten bij de zus van Mark. Mark en Tammy ken ik vanuit Rwanda en waren nog maar onlangs teruggekeerd in Engeland. Ze verbleven in het huis van hun zus en zwager. Mark en Tammy zijn hier in Engeland maar voor een paar weken. Ze hebben nog niet genoeg van Afrika. Ze gaan binnenkort weer terug, deze keer naar Kenia. Daar willen ze proberen een baan te vinden, om zodoende nog een paar jaar te leven en werken in Afrika. In mijn hart ben ik best wel een beetje jaloers.
Die avond van 1 september zou voorlopig de laatste avond van Tammy in Engeland zijn. Vandaar dat ze een bescheiden afscheidsfeestje zou geven. Mark zou nog een paar weken in Engeland blijven om zich dan voorlopig definitief te gaan vestigen in Kenia.


In het huis van de zus en zwager werd ik, samen met een aantal andere gasten, getrakteerd op een buffet van allerlei zelfbereide gerechten. De zwager bleek een echte gourmet te zijn, want het smaakte heerlijk. Ik viel dus met recht met mijn neus in de boter. Ik had geen betere dag kunnen kiezen om even langs te gaan bij Mark en Tammy. Het was ook zeer aangenaam om met hen even goed bij te kletsen.
 
Aan het slot van de avond werd alle gasten nog verrast met een heuse sing-along. De gehele familie bleek zeer muzikaal te zijn. Zus, zwager en Mark konden allemaal zeer goed piano spelen. En de moeder van Mark hield ontzettend van zingen. Alleen Mark’s vader leek niet zo muzikaal. Zijn interesse leek meer op het gebied van voetbal te zijn.



De familie was in het bezit van een groot aantal zelf in elkaar gezette bundels van bekende liederen. Die werden aan alle aanwezigen uitgedeeld. Vervolgens nam een van de familieleden plaats achter de piano, om zodoende het gehele gezelschap te begeleiden. Zaten we daar opeens ‘Supercalifragilisticexpialidocious’ en allerlei andere klassiekers te zingen.

Ook hier was er sprake van een Nederlands inbreng, of meer specifiek een Amsterdamse. Er zaten maar liefst drie nummers met het woord Amsterdam in de bundel. Natuurlijk ‘Tulips from Amsterdam’ maar ook ‘Windmill in Old Amsterdam’, bij ons bekend onder de naam ‘Een muis in een molen in mooi Amsterdam’. Of ik de Nederlandse versie van die liedje niet even kon zingen. Dat viel me nog niet mee, ik heb het kunnen beperken tot het refrein. Die heb ik zo goed en kwaad als ik het kon publiekelijk gezongen. De coupletten heb ik wijselijk maar gewoon in het Engels gedaan.
Ik dacht dat dit lied een origineel Nederlands lied zou zijn. Maar dat klopt niet. Het is gewoon van oorsprong gemaakt in het Engels. Gecomponeerd door Ted Dicks en Myles Rudge en gezongen door ene Ronnie Hilton. Onze Rudi Carrell heeft dit lied gewoon vertaald en vervolgens gezongen of het van zichzelf was. Zo kan je het toch goed verkeerd hebben.

De avond begon naar zijn einde te gaan en het werd tijd om weer te vertrekken. Het was een uitstekende dag en met een goed gevoel ging ik op weg. Eerst een heel stuk met de bus. Had ik toch nog even in een echte rode dubbeldekker rondgereden. Interessant om te constateren dat het leek of ik de enige blanke was die zo rond middernacht meereed in een bus in deze wijk. Bij het station Seven Sisters er weer uitgegaan, om met de metro terug te gaan naar mijn hotel.

dinsdag 9 oktober 2012

Paralympics - deel 4 (Rwanda - Brazilië)

Voor 31 augustus stond de tweede wedstrijd al weer op het programma. Deze keer moest Rwanda aantreden tegen Brazilië. De wedstrijd zou beginnen om twee uur ’s middags.

Simon zei dat hij voorafgaand aan deze wedstrijd afgesproken had met een aantal andere mensen die namens VSO in Rwanda gewerkt hadden. Of ik mij daarbij wilde aansluiten. Dat leek me wel een goed idee, dus zo rond half twaalf heb ik mij het gezelschap gevoegd dat was samengekomen bij een bar vlak bij het metrostation van Custom House.
 
Behalve Simon en Clema waren daar nog drie andere mensen die ik ken vanuit Rwanda. Alle drie waren ze gelijk met Simon begonnen in september 2011. Dus voor mij waren het nog steeds nieuwelingen. Maar inmiddels waren ze alle drie al weer terug in Engeland en dus eigenlijk ook al veteranen. Dan besef je hoe hard kan het gaan.
Het samenzijn bestond uit een lunch van een broodje aangevuld met een flink glas bier. Dit keer wel gewoon Engels bier. Zo’n drie kwartier voor de wedstrijd leek het ons raadzaam om maar op weg te gaan naar de wedstrijd. Om deze te bereiken hadden we altijd nog een halfuur nodig, mede vanwege de controles die we onderweg nog allemaal moesten ondergaan.
Simon en Clema hadden kaartjes voor het genodigden gedeelte en gingen hun eigen weg. De andere drie hadden echte kaartjes voor de wedstrijd, ik slechts voor het gebouw met de mogelijkheid om naar binnen te gaan. Ik heb me zo onopvallend mogelijk aangesloten met de rest en ben op deze wijze naar binnengegaan. Er was genoeg plek, dus dat binnenkomen zou niet zo’n probleem zijn geweest. De echte kaartjes zijn officieel op de tribune ook fysiek gescheiden van de andere kaartjes. Door me bij hen aan te sluiten kwam ik in hetzelfde vak terecht.
 
Even voor twee uur kwamen de teams binnen om te worden voorgesteld aan het publiek en om in te spelen. Ook nu weer leek er op voorhand een ongelijke strijd. De Brazilianen zagen er allemaal groter, sterker, langer en gewoonweg indrukwekkender uit dat de Rwandezen. Deze leken echt onder de indruk en zelfs bij het inslaan vlogen er onnodig veel ballen in het net.
 
Rwanda kwam nog wel met 1-0 voor in de eerste set, maar daarna werden er negen punten op rij ingeleverd. Het leek wel of ze bibberend in het veld zaten. Deze set ging dan ook met duidelijke cijfers verloren: 25-5.
 
De tweede set was niet veel beter. Ook hier was het binnen de kortste keren al 9-0 en dan is het al duidelijk dat dit een verloren strijd is. Het ging nu eigenlijk nog slechter dan in de eerste wedstrijd. Toen speelden ze nog tegen de favoriet voor de eindezege en nu speelden ze tegen een tegenstander die op papier van mindere kwaliteit zou moeten zijn. Extra teleurstellend is het dan om te zien dat ook deze set met 25-5 verloren gaat.
 
Maar toen kwam de derde set. Het is net of toen leek of de schroom er een beetje af was gegooid bij het team van Rwanda. Men was duidelijk beter aan het spelen en er waren ook veel meer rally’s. De Brazilianen stonden gedurende de wedstrijd wel constant voor, maar voor het eerst had ik het gevoel dat Rwanda ook meedeed, getuige ook de tussenstanden van 6-4, 9-6 en 13-7. Uiteindelijk was het niet voldoende en werd de eindstand 25-13.
 
Om drie uur waren we helaas al weer klaar en was het tijd voor de evaluatie. Onder begeleiding van een duur glas bier waren het er allemaal over eens dat er in de derde set in ieder geval sprake was van progressie. Mogelijk dat wij met onze duidelijke support voor Rwanda ook een steentje hieraan hebben bijgedragen.
 
Voor deze avond had ik afgesproken om Neal te gaan bezoeken in Cambridge. Aan het eind van de middag heb ik afscheid genomen van het gezelschap om per metro naar het treinstation van Kings Cross te gaan om daar de sneltrein naar Cambridge te pakken. Binnen een uur was ik op de plaats van bestemming.
 
Daar stond Neal mij op te wachten. Met de auto is het kwartiertje naar zijn huis. Dat ziet er uit als een echt typisch Engels huis in een typische Engelse buurt. Het leek wel een plaatje uit zo’n echte Engelse televisieserie, maar dan wel van de wat welgesteldere klasse. Neal woont er samen met zijn vrouw Jane.
 
Neal was mijn kamergenoot in de allereerste week van mijn verblijf in Rwanda. In die week kregen we een training over het hoe en wat van werken in Rwanda. Dan wordt er een groep gemaakt van alle mensen die op dat moment beginnen te werken voor VSO in Rwanda. Ik ben tot twee maal toe later in dat jaar bij Neal op bezoek geweest in Kabarore, in het oosten van het land. Neal heeft ook diverse malen in mijn huis in Kigali overnacht, als hij voor het weekend in de hoofdstad.
Voor, tijdens en na de heerlijke maaltijd hebben we nogmaals ons verblijf in Rwanda geëvalueerd. Het was een zeer aangename avond in een rustige buitenwijk van Cambridge.

 

woensdag 3 oktober 2012

Paralympics - deel 3 (Rwanda - Iran)

Voor 30 augustus stond de eerste wedstrijd van het zitvolleybalteam van Rwanda op het programma. Die zou pas om negen uur ’s avonds zijn, dus ik had nog een flinke dag voor de boeg.

Voor vandaag had ik afgesproken met Alan en Simon, mijn beide huisgenoten in Rwanda in de laatste paar maanden van mijn verblijf. Eerst zou ik Alen ontmoeten, en later op de dag Simon. Alan woont in Abergavenny, Wales en zou per bus naar Londen komen. Aangezien hij op Victoria station zou aankomen, hebben we afgesproken om daar te ontmoeten.
Zo halverwege de ochtend heb ik gezorgd dat ik aanwezig was op het station en heb mijn intrek genomen in een van de vele hippe koffietentjes die er in de buurt te vinden zijn. In heel Londen is het vergeven van de koffiezaken waar latte’s, ristretto’s, cappuccino’s en nog veel wordt geschonken. De een nog zogenaamd Italiaanser en hipper dan de ander. Mijn keuze viel dit keer op Caffé Ritazza. Dat bleek dus een hele keten te zijn, want via sms bleek Alan opeens in een andere Caffé Ritazza te zitten. Caffé Ritazza is wereldomvattend, want het heeft vestigingen in 22 landen. Ondanks de Italiaanse naam zit Italië daar natuurlijk niet bij. Nederland trouwens ook niet. Het locatieprobleem was echter gauw opgelost en zo konden we elkaar ontmoeten, een weerzien na ongeveer acht maanden.
Onder het genot van een lekker kopje koffie hebben we elkaar bijgepraat over van alles en nog wat. Over de maanden in Rwanda na mijn vertrek, alle nieuwtjes over nieuwe huisgenoot Eric, wat Simon allemaal aan het uitspoken was en al onze bezigheden sinds januari 2012.
Alan had zich niet helemaal verdiept in het programma van die dag, want hij zou om negen uur ’s avonds weer terug gaan naar Abergavenny, juist het moment waarop het zitvolleybalteam zou beginnen. Dan maar wat andere sporten gaan bekijken in de ExCeL arena.

Voor deze dag was ik in het bezit van twee kaartjes. Het eerste was een kaartje voor toegang tot de ExCeL arena, met de mogelijkheid om wedstrijden te bezoeken als er plaats was. De tweede was een echt kaartje voor de zitvolleybalwedstrijden van die avond, maar ook met de mogelijkheid om andere wedstrijden te bezoeken, wederom als er plaats was. Het mooie van deze kaartjes was dat er een kaartje voor de metro bij inbegrepen was. Een relatief groot gedeelte van het kaartje van £ 10 of £ 15 had je er alleen al uit voor het gebruik maken van de metro. Dat had anders minstens £ 7,70 gekost.

Ik kon dus mijn eerste kaartje aan Alan geven. Via de metro gingen we op weg naar de ExCeL arena. Deze bevindt zich in het oosten van de stad en is nog een flink eind van het centrum, meer dan een half uur reizen. Het laatste gedeelte is allang niet meer ondergronds en gaat langs een gedeelte van Londen, dat op zijn zachts gezegd niet bijzonder is. Eigenlijk gewoon lelijk. Lelijke vervallen industrie, onappetijtelijke nieuwbouw en niet onderhouden braakliggend terrein. Geen reclameplaatje voor de stad.
Bij het station met de naam Custom House moesten we er uit. Dan nog een hele wandeling slalommend langs allerlei hekwerken en een overdaad aan vrijwilligers, zeer vriendelijk overigens, die je de weg wezen op een weg waar je eigenlijk niet veel keus had. Uitmondend in een controle die niet zo misstaan op een luchthaven. De broekriem moest af en een flesje water mocht niet mee naar binnen.


We waren aangekomen in het complex met verschillende zaken. In elk van die zalen zouden diverse wedstrijden plaatsvinden. We konden kiezen uit tafeltennis, judo of powerliften. Op de een of ander manier was er een enorme belangstelling voor powerliften, waarschijnlijk veroorzaak door Britse deelname, dus werd het eerst tafeltennis en daarna judo. Het onderdeel judo was voor ‘visualy impaired’. Wat opviel dat de ene duidelijk wat slechtziender dan de ander, dat leek mij niet geheel eerlijk. Waarom niet alle deelnemers een blinddoek voorgedaan, zodat de omstandigheden voor ieder gelijk waren? Maar afgezien daarvan verschilde het niet veel van het ‘echte’ judo. Een paar leuke wedstrijden gezien en verder bijgepraat met Alan.
 
Aan het begin van de avond moest Alan weer huiswaarts. Daarop heb ik mij vervoegd bij de zaal waar het zitvolleybal was en heb daar het staartje van de wedstrijd tussen Marokko en Egypte mogen aanschouwen. Simon zou pas arriveren als de wedstrijd zou beginnen. Hij woont nog steeds in Rwanda, werkt namens VSO bij NPC (National Paralympic Committee) en is als begeleider van het team meegekomen naar Londen. Hij heeft de gelegenheid te baat genomen om zijn Rwandese vriendin Clema mee te nemen, om haar Engeland en Londen te laten zien.
Vlak voor de wedstrijd zou beginnen zag ik hen op de tribune voor genodigden en ander belangrijke mensen plaatnemen met een enorme vlag van Rwanda. Vanaf mijn kant zwaaide ik met mijn kleine Rwandese vlaggetje. Contact!
Even voor negenen kwamen beide teams de zaal binnen. Het Rwandese team bestond uit 11 personen en stond onder leiding van de Nederlandse coach Peter Karreman. Tijdens het inspelen leken de verschillen al enorm tussen de fragiel ogende spelers van Rwanda en sterke spieren van de paralympisch kampioen van vier jaar geleden.


Om negen uur stipt begon de wedstrijd en het leek wel of de spelers van Rwanda nog even moesten wenen aan de situatie, want voordat we er erg in hadden was het al 6-0 voor Iran. Ik heb flink staan zwaaien met m’n vlaggetje en ze toegejuicht bij elk punt. Het was wel heel duidelijk dat ze een maatje te klein waren voor Iran. Dit was hun eerste wedstrijd op zo’n hoog niveau en binnen de kortste keren was de eerste set ook afgelopen: 25-11.


De tweede set ging niet veel beter, Iran had al twaalf punten gescoord voordat Rwanda op het scorebord kwam. De Rwandese spelers waren gewoon te veel onder de indruk van de gehele entourage. Ze kwamen zeer gespannen over. Het was wel logisch dat ze gingen verliezen van Iran, maar in de tweede set ging ook wel heel veel verkeerd. De setstand was dan ook niet voor niets 25-6.
 
In de derde set leek het even wat beter te gaan. Ze maakten een paar punten in het begin zodat de hatelijk nul niet te lang op het scorebord bleef staan. Maar vervolgens zakte het weer behoorlijk in elkaar en eindigde het in 25-8.


De eerste wedstrijd van Rwanda was afgelopen. Het was gelijk een hele vuurdoop, zo voor het eerst optreden op zo’n groot podium als de Paralympische Spelen. We moeten het maar zien als een leerschool en dan kan het alleen maar beter gaan.


Wat wel jammer was dat de zaal nog niet voor de helft gevuld was. Onbegrijpelijk dat tot voor een paar dagen voor aanvang van de wedstrijd het onmogelijk was om een kaartje te kopen. Het leek of het helemaal uitverkocht was. Waarschijnlijk was het ergens gereserveerd voor vrienden van de Olympische en Paralympische gedachte, die er uiteindelijk geen gebruik hebben gemaakt met als resultaat dat ze alsnog vrij kwamen een paar dagen voor aanvang van de wedstrijd. Jammer dat dat zo schijnt te moeten gaan.
Na afloop heb ik mij vervoegd bij Simon en Clema om samen nog iets te gaan drinken. Aangezien we alle drie niet echt bekend zijn in Londen, koste het best nog wat moeite om iets te vinden in deze omgeving. Uiteindelijk kwamen we toch weer terecht in een modern aandoend café in het winkelcentrum van Westford Stratford City. Het was zo modern dat je er geen Engels biertje kon krijgen, het was Heineken, Amstel of een of ander vaag Italiaans biertje. Dus zat ik in Londen nu voor de tweede avond in successie aan de Heineken, is dat niet vreemd? Maar verder was het goed om Simon en Clema weer te ontmoeten, ook weer een weerzien na ongeveer acht maanden.


Om half uur voor de sluitingstijd van twaalf uur werd de muziek uitgezet, het licht aangedaan en op niet al te vriendelijke manier gemaand om ons bier op te drinken en te vertrekken. We waren het er allemaal over eens. Qua service kon je beter in Rwanda zijn. Daar hoefde je het bier niet aan de bar te bestellen, daar werd het naar je toegebracht. Bovendien hadden ze daar geen sluitingstijd. Een klant zou daar nooit gemaand worden om zijn bier op te drinken. Zolang het vocht nog in het glas of de fles was, was je daar als klant nog koning!