donderdag 25 juli 2013

Achter de kassa bij de EYOF

Ik heb meegewerkt als vrijwilliger bij de European Youth Olympic Festival (EYOF). Waarom heb ik hieraan meegewerkt? Het is dicht bij huis, in mijn eigen woonplaats Utrecht. Het leek me leuk om zo’n evenement eens van achter de schermen mee te maken. In het najaar van 2012 was ik getuige geweest van de enthousiaste vrijwilligers bij de Paralympics en dat heeft me ook wel geïnspireerd om mee te gaan doen. Om de werkzaamheden een beetje in het verlengde van mijn expertise te laten zijn heb ik me opgegeven als medewerker of coördinator ticketing, ofwel gewoon kaartjes verkopen achter de kassa.

De EYOF is een soort Olympische Spelen voor de jeugd van 13 tot en met 18 jaar, maar dan alleen voor de jeugd uit Europa en voor een beperkt aantal sporten. Een van die sporten is atletiek en ik had me opgegeven om de kassa te beheren bij de atletiekbaan. Het sportieve gedeelte van de EYOF zou plaatsvinden van 15 tot en met 19 juli. Ik was verhinderd op de eerste dag, maar me beschikbaar gesteld voor de overige vier dagen. Conform wat ik had opgegeven ben ik voor alle vier dagen ingedeeld bij de atletiekbaan. Op dinsdag van tien tot drie uur, op woensdag van half elf tot half vier, op donderdag van elf tot acht en vrijdag zelfs van tien tot half acht. Al met al, best wat uurtjes!  Officieel was ik medewerker ticketing. Bij navraag over de functie coördinator ticketing werd mij verteld dat deze later zou worden verdeeld onder de aanwezige vrijwilligers.

Op dinsdagochtend 16 juli meldde ik me bij het atletiekterrein. Om elf uur zouden de eerste wedstrijden beginnen, om tien uur moest ik mij melden. Dan zouden we een korte instructie krijgen om vervolgens de kassa te gaan bemannen.  Ruim voor tien uur was ik present, ik wilde zekere niet te laat komen en daar wachtte mij de eerste verrassing. Hedwig, de HR assistent op de atletiekbaan, deelde me mee dat de wedstrijden pas om drie uur ’s middags zouden gaan beginnen. De kassa zou toch gewoon om tien uur opengaan, omdat de gewijzigde aanvangstijden nog lang niet bij iedereen bekend zouden zijn. Ik vond het behoorlijk teleurstellend, ik stond ingedeeld van tien tot drie uur en ik zag me al een hele ochtend duimen draaien voor een paar vroege vogels, die mogelijk ook nog teleurgesteld zouden zijn in het verlate aanvangstijdstip.

De aanvangstijden van de wedstrijden zijn verplaatst omdat er minder wedstrijden plaatsvinden dan gepland. De reden hiervoor is dat er minder atleten zijn komen opdagen dan verwacht. Daardoor was het niet noodzakelijk om allerlei voorrondes en series te laten plaatsvinden. Bij veel onderdelen kon worden volstaan met een halve finale en bij een enkel onderdeel waren er zo weinig deelnemers dat men gelijk al aan de finale kon gaan beginnen. Het polsstokhoogspringen voor jongens bijvoorbeeld had op deze dinsdag gelijk haar finale.

Om kwart over tien liepen mijn collega Martin en ik mee met Hedwig om ons met een kassa, een doos en een laptop te begeven naar de ingang, die zich aan de andere kant van het terrein bevond. De beveiliging was inmiddels gearriveerd, dus het hek kon open. Aan de andere kant van het hek stonden al een tiental mensen te wachten die een kaartje willen kopen. We moesten alles installeren en gelijk ook al de eerste klanten af te handelen. De instructie was dus noodgedwongen kort. Ik ben maar begonnen om de kas op te maken, want dat leek mij een eerste vereiste voordat ik het eerste kaartje ging verkopen. Nadat ik dat had gedaan, heb ik snel een paar kaartjes, die zich in de meegebrachte doos bevonden, verkocht aan de wachtende klanten. Sommigen waren al op de hoogte van de gewijzigde aanvangstijden, sommigen nog niet. De laatsten besloten daarop veelvuldig om voorlopig nog maar even af te zien van het kopen van een kaartje. In de tussentijd konden ze nog een heleboel andere dingen gaan doen. 


De opstelling bij de ingang was als volgt. Bij de fysieke ingang is een tafel geplaatst waarop de laptop is geplaatst. Op deze laptop is programmatuur geïnstalleerd waarmee met een scanapparaat de kaartjes worden gescand, zodat de mensen naar binnen mochten. Collega Martin heeft zich voornamelijk beziggehouden met deze taak. Vijf meter verderop staat een hok van twee meter bij twee meter waarin de kaartjes worden verkocht. Mijn taak heeft voornamelijk bestaan uit de verkoop van de kaartjes. Het merendeel van de mensen had van te voren al kaartjes gekocht en kon dus rechtstreeks doorlopen naar de laptop om hun e-ticket te laten scannen. De mensen zonder kaartjes moesten eerst naar mij toe komen om een kaartje te kopen en vervolgens zich ook naar de laptop te begeven om daar hun pas aangekochte kaartje ook te laten scannen.


Na een kwartiertje was de rust wedergekeerd en kon het lange wachten gaan beginnen op de volgende klanten en op het begin van de wedstrijd. Het was ook tijd om eens goed alles tot me te laten doordringen. Het eerste wat opviel is dat de kas aan het eind van de vorige dat niet was opgemaakt. Een slechte zaak! In de beperkte instructie is helemaal niets vermeld over kas opmaken en dat lijkt mij eigenlijk een van de meest essentiële onderdelen van het verkopen van kaartjes via een kassa.


Vervolgens heb ik een blik geworpen op de kaartjes in de doos. Deze waren allemaal genummerd, logisch natuurlijk, ook essentieel voor een goede organisatie van de kassaverkoop. Gelukkig waren er alleen nog maar kaartjes uit het eerste pakje verkocht, zodat nog betrekkelijk eenvoudig was vast te stellen hoeveel kaartjes er tot nu toe waren verkocht. Dat waren er 214. Vervolgens heb ik de kas gauw nog een keer opgemaakt om te weten hoeveel er die ochtend waren verkocht, zodat ik kon vaststellen dat de op eerste dag van de wedstrijden er in totaal 208 kaartjes zijn verkocht. Omdat elk kaartje een verkoopprijs heeft van € 10 zou dat een theoretische opbrengst van € 2.080 moeten zijn.


Op grond van de beginkas van de dinsdag ( € 1.575), en ervan uitgaande dat deze dezelfde is als de eindkas van de maandag, en de beginkas van de maandag (€ 200), die wel gedaan was, heb ik vastgesteld dat er € 1.375 is binnengekomen op de maandag. Er zat dus een behoorlijk verschil tussen de werkelijke opbrengst en de theoretische.

Maar dan heb je natuurlijk nog de speciale gevallen. Op de maandag zijn er mensen aan de deur geweest die e-tickets voor de donderdag hadden gekocht. In eerste instantie zou op die dag de finale plaatsvinden van een onderdeel waarop hun favoriet zou deel nemen. Doordat er minder deelnemers waren heeft de finale echter al plaatsgevonden op maandag. Deze mensen is dus de gelegenheid geboden om hun e-ticket van donderdag in te wisselen voor een gewoon kaartje van maandag. Dit soort zaken verstoort natuurlijk de vergelijking tussen de theoretische opbrengst en de werkelijke.



Een andere verstorende factor is het feit dat alle vrijwilligers recht hebben op twee vrijkaartjes. Een hele mooie regeling, maar de praktische invulling ervan was niet helemaal goed geregeld. Aan dit fenomeen is dan maar een eigen invulling gegeven. Als de vrijwilliger bij de kassa kwam en zijn accreditatie liet zien, dan werd zijn naam opgeschreven en kreeg deze de twee beloofde kaarten. Dit systeem is natuurlijk zo lek als een mandje, want elke vrijwilliger kan bij elke locatie twee van dei kaarten gaan afhalen, omdat dat nooit fatsoenlijk gecontroleerd kan worden. Het is zelfs niet doenlijk om te controleren of de vrijwilliger op een vorige dag al eens eerder kaartjes heeft afgehaald. Een mooi gebaar richting vrijwilliger, maar over de praktische invulling is onvoldoende nagedacht.


Ik stelde vast dat er van de maandag 12 e-tickets lagen waarvan ik kon aannemen dat deze ingeleverd waren tegen uitreiking van een gewoon kaartje. Op de lijst van vrijwilligers stond vermeld dat er 35 kaartjes waren afgehaald, maar door Martin werd aan toegevoegd dat men waarschijnlijk pas in de loop van de tijd ertoe overgegaan was om de namen op te schrijven. Deze lijst was waarschijnlijk niet volledig. Deze gegevens vertelden me dat er 45 kaartjes waren uitgegeven waar geen opbrengst tegenover stond. De gecorrigeerde theoretische opbrengst komt nu dus uit op € 1.510. De werkelijke opbrengst was € 1.375, dus er miste ergens € 135. Die € 5 moet ergens verklaard worden doordat iemand ergens dat bedrag te veel of te weinig heeft betaald, en verder zou het restant verklaard moeten worden door de niet genoteerde vrijwilligers die hun kaartje zijn komen ophalen.

Het lange wachten op de volgende bezoekers kon nu zijn aanvang namen. Tijd om alles eens goed te overdenken. Ik miste een geschreven instructie van het beheer van de kassa, ik miste een mondelinge toelichting. Essentiële zaken zoals een kasopname en aansluiting maken tussen de kaartjesverkoop en de kassaopbrengst waren geen onderdeel van de instructie. Ik heb de taak maar op mij genomen om te zorgen dat tijdens mijn aanwezigheid daar in ieder geval een beetje aandacht voor zou zijn.

We vonden wel dat er behoorlijk wat geld in de kas zat. Het leek ons verstandig dat het overtollige geld uit de kas zou worden gehaald om naar een veilige plek te brengen. Eigenlijk had dat maandagmiddag laat moeten gebeuren, maar dat is helaas niet gebeurd. We hebben Flori, coördinator ticketing en accreditatie, opgebeld om hier voor te zorgen. Een halfuurtje later was ze er en nadat zij de kas ook had geteld, heeft ze € 1.250 uit de kas meegenomen. Ik heb toen ook een paar van mijn opmerkingen met haar gedeeld.

De eerste uren van mijn eerste dag waren heel rustig, maar het laatste uur voor aanvang van de wedstrijd werd het toch behoorlijk druk. Iets na drie uur kwam mijn vervanging mij aflossen en deze heb ik instructie gegeven over de uit te voeren werkzaamheden. Eigenlijk hadden we de kas bij overdracht ook op moeten maken, als we het helemaal juist hadden gedaan, maar ik wou geen scherpslijper zijn, dus heb ik daar maar vanaf gezien. Het was ook nog veel te druk aan de kassa om dat even rustig te doen.

De volgende dag, woensdag 17 juli, zou ik gewoon weer present zijn, maar in onderling overleg hadden we afgesproken dat we wel een uurtje later zouden beginnen. Om elf uur was ik present en niet snel daarna hebben we ons weer geïnstalleerd. Ik stelde vast dat er nu gelukkig wel een kas was opgemaakt aan het eind van de dag en dat deze gelukkig ook aansloot met mijn telling aan het begin van de dag. De beginkas voor de woensdag was € 335. Duidelijk was ook dat er aan het eind van de dinsdag wel de kas was opgehaald, hoewel dat niet was genoteerd, maar naar later bleek is er toen weer € 1.250 uit de kas gehaald.

Ik stelde vast dat er tot en met dinsdag 379 kaartjes waren verkocht. Verder waren er 24 ingeleverde e-tickets en waren er volgens de lijst in totaal 75 kaartjes afgehaald door de vrijwilligers. De theoretische opbrengst voor de eerste twee dagen komt derhalve uit op € 2.800. De werkelijke opbrengst was echter € 2.635. Een verschil van € 165 en dat was dan € 30 meer dan de vorige dag.

Op de woensdag kwam Flori al vroeg opdagen om de kas op te nemen en het overtollige kasgeld mee te nemen. Dit keer zat er nog niet zo veel in kas en nam ze € 400 mee. Ze meldde ons dat ze aan het eind van die middag weer langs zou komen om dit nog een keer te herhalen. Ik heb dat niet meer meegemaakt, want ik had om half vier mijn taak al overgedragen aan mijn opvolger.



Voor de laatste twee dagen is afgesproken dat we pas om twaalf uur zouden beginnen. Op donderdag was Martin wederom mijn collega, op vrijdag had ik een nieuwe collega: Marlies. Die dagen ben ik er van het begin tot het einde geweest en voor beide dagen heb ik ook een perfecte aansluiting kunnen maken tussen de werkelijke en theoretische opbrengst. In totaal zijn er net geen duizend kaartjes uitgereikt, het ticket met nummer 995 is het laatst verkochte ticket. In totaal zijn er 31 e-tickets ingeleverd en zijn er 176 kaartjes uitgereikt aan vrijwilligers. Theoretisch had er dus € 7.880 moeten binnenkomen.

De laatste dag was ook duidelijk de drukste dag. In totaal zijn er 233 kaartjes uitgereikt, waarvan 4 ingeleverde 3-tickets en 40 aan vrijwilligers uitgereikte kaartjes. Voor kaartjesverkoop is dus € 1.890 binnengekomen. Extra bijzonderheid voor deze dag was dat er € 60 retour is gegeven voor e-tickets die niet meer omgewisseld konden worden voor andere kaartjes. Dit laatste is beslist door Hedwig, voor ons gevoel hadden we instructie gekregen dat wij geen kaartjes konden omruilen voor geld, maar misschien hebben we dat zelf maar zo geïnterpreteerd. Om discussies te voorkomen.


Halverwege de middag kregen we plotseling nog wel even een kleine verrassing. Een hele doos met mascottes werd er bij ons gedumpt, met het verzoek of wij Youthy nog wel even voor € 10 wilden slijten aan de bezoekers. Ik vond het gevraagde bedrag behoorlijk veel voor zo’n klein poppetje, dat waarschijnlijk voor een habbekrats in China is gemaakt, maar na enige aarzeling zijn Marlies en ik toch maar overgegaan tot actieve verkoop. Onder mooie termen als “blijvende herinnering” en “lasting memory” zijn we er toch nog in geslaagd om 19 van deze mascottes voor de volle prijs te verkopen. Na afloop toen de mensen weer naar buiten gingen mochten we ze, na samenspraak met Flori, voor maar liefst € 5 verkopen. Ook toen zijn we er nog een aantal kwijtgeraakt. Die doos hadden ze eerder bij ons neer moeten zetten, dan hadden we er nog veel meer kunnen verkopen. Nu was uiteindelijk de doos nog voor driekwart gevuld. En wat ga je nu nog doen met die mascottes?

Op vier van de vijf dagen van de EYOF heb ik achter de kassa gestaan bij de atletiekbaan. Leuk om dat zo eens mee te maken. Dat het programma veel later begon dan oorspronkelijk gepland was achteraf helemaal niet zo erg. Dan had je eerst een paar rustige uurtjes om alles eens goed in ogenschouw te nemen, dan kwamen de drukke uurtjes zo rond drie uur, met daarna nog weer een paar rustige uurtjes. Leuk om in aanraking te komen met diverse supporters uit verschillende landen, waaronder veel Belgen en Fransen.

Ook de bijzondere dingen kun je goed in je opnemen. Naast het hok van de kassa was ruimte om te parkeren en gedurende de eerste drie dagen is daar ook ruimschoots gebruik van gemaakt, hoewel het formeel niet toegestaan was. Op de donderdag kwam er echter een wakkere boswachter langs die ze allemaal op de bon wilde slingeren. Hij keek echter ook om het hoekje en zag dat er daar nog veel meer stonden. Dat kon hij fysiek niet helemaal aan en daarom ging hij weer weg om de opdracht over te dragen aan de verkeerspolitie. Een halfuurtje later waren ze er ook en hebben heerlijk bonnen zitten uitschrijven. In de tussentijd hadden we de organisatie al gewaarschuwd om ervoor te zorgen dat het werd omgeroepen. Een paar heeft hier gebruik van gemaakt, het merendeel niet.


Op de vrijdag had ik een taak erbij, de foutparkeerders waarschuwen voor een mogelijke boete. De meesten kozen eieren voor hun geld en vertrokken. Een tweetal auto’s had hier maling aan en bleef gewoon staan. In de ene zat een Zwitserse fotograaf, die op donderdag ook al een bon had gehad, waarschijnlijk werd deze gewoon door de baas betaald. In de tweede auto zaten mensen die iets met Georgië te maken hadden, want ik zag het vlaggetje op hun accreditatie. Die hadden ook geen boodschap aan mijn mededeling. Waarschijnlijk in Georgië zulke hoge pieten, dat ze nooit in aanmerking komen voor het fenomeen verkeersboete.  Op woensdag had een omstander al geklaagd over de inzittenden van deze auto, ze hadden zonder pardon allerlei vuilnis uit de auto gegooid. Wat moest ik hier nu van denken? Toen wist ik nog niet het dat het Georgiërs waren.


En op de laatste dag kwam er opeens een vehikel voor de ingang staan die Spa Citron is gaan uitdelen. Deze flesjes vonden gretig aftrek, want het was dorstig weer. Of het helemaal legaal was betwijfelden we, zeker omdat Spa Citron een concurrerend merk is van één van de officiële sponsors van de EYOF: Coca-Cola. Voor we er erg in hadden was de wagen ook weer vertrokken.


Interessant om hier met een organisatorische blik naar te kijken. In principe is best wel wat op aan te merken en in de loop van de week is het ook behoorlijk verbeterd en ik heb daar denk ik ook wel een steentje aan bijgedragen. Aan de andere kant loopt zo’n organisatie ook wel als het niet zo duidelijk is geregeld. De mensen die er aan werken pikken op wat er op hun pad komt en maken er het beste van. 

woensdag 10 juli 2013

Jeune Afrique interviewt Paul Kagame

In de Jeune Afrique nummer 2732 van 19 tot en met 25 mei 2013 stond een interview met Paul Kagame. Nu is mijn Frans niet al te best, maar ik heb toch een poging gewaagd om het te lezen. Met Google Vertalen op de achtergrond heb ik er het beste van gemaakt. Ik was wel benieuwd of het interview nu in het Frans of het Engels plaats heeft genomen. Het Frans van Kagame schijnt niet zo goed te zijn, dus ik denk in het Engels, vooral ook vanwege de sentimenten uit het verleden. Ook grappig om te zien dat Paul Kagame in het Frans opeens een ‘accent aigu’ op de laatste letter heeft staan en in het Frans is het dus opeens Paul Kagamé.


Jeune Afrique begint meteen hard van stapel en zegt dat de laatste maanden vast wel moeilijk voor hem zijn geweest: beschuldiging van inmenging in het conflict in de DRC, gedeeltelijke opschorting van buitenlandse hulp, kritische rapporten van de Verenigde Naties. Zij vraagt welke lessen Paul Kagame hieruit heeft getrokken. Paul Kagame antwoordt zoals het van hem verwacht mag worden, het doet hem weinig, het is niet de eerste keer dat Rwanda beschuldigd wordt.


Over M23 lijkt Paul Kagame opeens wat kregelig te worden. Hij geeft aan niets met M23 te maken te hebben en vraagt zich af waarom iedereen zich zo druk maakt over M23. Er zijn ze veel meer andere rebellengroepen in de DRC.

Succesverhalen zijn er ook. Paul Kagame is er trots op dat zijn land is gekozen in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, ondanks een vijandige campagne van tegenstanders. En dat internationale investeerders binnen de kortste keren zich hebben ingetekend voor de door Rwanda uitgeschreven lening vindt hij een teken dat Rwanda op de goede weg is.


Eigenlijk niets nieuws onder de zon. De kritiek wordt tegengesproken of gebagatelliseerd. De nadruk wordt gelegd op positieve verhalen. Maar heeft elke politicus hier geen last van?

Verderop in het interview wordt opgemerkt dat de partij van Paul Kagame (RPF, of zoals de Fransen zeggen FPR) niet alleen politiek bedrijft, maar daarnaast een economische factor van belang is in Rwanda en of dat wel gezond is. Paul Kagame antwoordt dat dit verklaard moet worden door haar historie. Vanaf haar ontstaan heeft de RPF het belangrijk gevonden om financieel onafhankelijk te zijn. In het verleden wilde men er voor zorgen dat de basisbehoeften beschikbaar zouden zijn: suiker, zout, zeep, benzine, etc. Nu heeft men de focus verlegd en houdt men zich meer bezig met strategische sectoren zoals telecommunicatie en infrastructuur. Bij doorvragen over mogelijke conflicterende belangen geeft hij aan dat dezelfde regels gelden voor de bedrijven die gerund worden door de RPF als de reguliere bedrijven. Om dat te ondersteunen wordt nog maar eens benadrukt dat Rwanda in vergelijking met andere Afrikaanse landen heel erg hoog scoort in transparantie en het bestrijden van corruptie.


Maar dan komt natuurlijk de hamvraag. Volgens de grondwet van Rwanda kan er geen derde termijn voor Kagame zijn als president. Zal hij zich gaan houden hieraan houden en terugtreden in 2017? Opvallend genoeg wordt hier niet volmondig mee ingestemd. Kagame zegt dat het debat nog open is en dat hij het debat aanmoedigt. In zijn opinie is een wisseling van de macht nodig, omdat de dynamiek van de samenleving dat vraagt. Daarvoor moet er wel sprake van zijn dat er wordt voldaan aan twee voorwaarden. Ten eerste dat er sprake is dat de vooruitgang doorzet op alle gebieden en dat de nationale veiligheid word gegarandeerd.


Nou, dat lijken mij twee voorwaarden waar gemakkelijk niet aan voldaan kan worden in 2017 en dat biedt Paul Kagame dus alle mogelijkheden om gewoon aan te blijven na zijn tweede termijn. Jeune Afrique concludeert dan ook dat als volgens Kagame het in belang is van Rwanda om aan te blijven dat hij dat zal doen. Hierop wordt door Kagame gezegd dat het nu nog veel te vroeg is om dat te concluderen. Lijkt mij ook, die conclusie zullen we pas in 2017 mogen trekken!

maandag 10 juni 2013

Gibraltar en de Vrede van Utrecht

De Vrede van Utrecht is 300 jaar geleden getekend in Utrecht. Dat wordt dit jaar gevierd met allerlei festivals, tentoonstellingen, lezingen, etc. Ook vallen allerlei zaken die anders ook wel georganiseerd zouden worden opeens ook onder de festiviteiten in verband met de Vrede van Utrecht. Maar dat terzijde.

Jaren geleden ben ik voor het eerst in aanraking gekomen met het fenomeen Vrede van Utrecht. Dat gebeurde in Gibraltar, toen ik daar op bezoek was bij mijn vriend Jaap Kroyenga. In die tijd werkte hij daar als huisarts en heb ik hem daar opgezocht.

In gesprekken met Gibraltarezen vertelde ik dat ik woonachtig was in Utrecht. Dat vonden ze allemaal heel interessant, want daar was de Vrede van Utrecht (Treaty of Utrecht) getekend, waarin was afgesproken dat Gibraltar geen onderdeel zou zijn van het Spaanse koninkrijk, maar dat het totin lengte van dagen bij Engeland zou horen. De Spanjaarden maken nog altijd aanspraak op Gibraltar, maar dat verdrag is het houvast waaraan ze zich vastklampen om te zorgen dat ze Brits blijven en geen onderdeel worden van het vermaledijde Spanje.

Tot mijn spijt en hun ontsteltenis had ik toentertijd nog nooit gehoord van de Vrede van Utrecht, ook al woonde ik toen in Utrecht. Ik was gelijk al wel een stuk sympathieker, allen maar doordat ik afkomstig was uit Utrecht. Dit zorgde al gauw voor een extra biertje in de plaatselijke pub en dat is altijd meegenomen.

Terug in Utrecht heb ik me gauw wat meer verdiept in de Vrede van Utrecht en op grond daarvan wist ik er inmiddels wel iets meer van. Nu dat de Vrede van Utrecht dit jaar echt wordt herdacht is er grote reden om deze kennis nog wat meer te verdiepen.

In het kader van de activiteiten rond de Vrede van Utrecht werd op 23 april 2013 in het Instituto Cervantes een lezing gehouden met de titel: ‘De Spanjaarden, Europa en de Vrede van Utrecht’, ofwel op zijn Spaans: ‘Los españoles, Europa y los Tratados de Utrecht’.
Vooral gezien de achtergrond van mijn bezoek aan Gibraltar leek het mij wel heel interessant om te weten te komen hoe de Spanjaarden aankijken tegen het ontstaan van de aberratie Gibraltar.
De hoofdlezing werd verzocht door de Spaanse professor Ana Crespo Solana. Via een koptelefoon werd haar voordracht vertaald in het Engels. Ik kwam heel veel te weten over de Spaanse Successieoorlog, de eigenlijke aanleiding van de uiteindelijke Vrede van Utrecht. En dat was een echte burgeroorlog.
Op 1 november 1700 overleed koning Karel II van Spanje en deze had geen opvolger. Er waren ruwweg twee kampen die aanspraak maakten op de troon. De eerste is het Franse kamp, dat wilde Philips V, kleinzoon van de Franse koning Lodewijk XIV, op de troon. Op 15 november 1700 is hij dat ook officieel benoemd tot koning. Dat werd echter betwist door het Oostenrijkse kamp, dat wilde hun eigen koning als opvolger. Eerst Leopold I, daarna Jozef I en tenslotte Karel VI, in Spanje zou deze dan grappig genoeg weer Karel III zijn geweest. Dit laatste kamp werd ondersteund door de Engelsen en de Nederlanders. Nu klinkt de kwestie van de toonopvolger nog vrij simpel, maar er zat veel meer achter. Het Franse kamp betrof de centralisten, die wilden heel Spanje samen houden onder centraal bestuur van Madrid. De Oostenrijkers wilden een meer federalistische structuur met meer autonomie voor bijvoorbeeld Valencia en Catalonië. Dit kamp stond ook meer open voor handel en contacten met de wereld, het had een meer democratische inslag. De centralisten waren meer naar binnen gericht, hun manier van regeren was veel meer autoritair. Eigenlijk is deze tweestrijd in al die jaren niet opgehouden en leeft deze tot op heden nog steeds voort.


De slag van Almansa kwam regelmatig voorbij. Deze slag was totaal onbekend voor mij, maar dat was de ommekeer in de oorlog (25 april 1707). Het Franse kamp behaalde hier een grote overwinning. Het uiteindelijke resultaat voor Spanje in de Vrede van Utrecht was dat Philips V bevestigd werd als koning en dat elk streven naar onafhankelijkheid van Valencia en Catalonië voorlopig in de kiem was gesmoord. Wel is in de Vrede van Utrecht afgesproken dat de koning van Spanje nooit tegelijkertijd de koning van Frankrijk zou kunnen zijn.

Door deze lezing ben ik heel veel meer te weten gekomen wat er allemaal in Spanje is gebeurd in het begin van de achttiende eeuw. De Vrede van Utrecht wordt ook niet echt gevierd in Spanje, te veel mensen hebben een niet zo’n goede herinnering aan wat het allemaal teweeg heeft gebracht. Voor Catalonië en Valencia is de Vrede van Utrecht een donkere bladzijde in de geschiedenis.

Gibraltar is natuurlijk maar een nietig onderdeel in de hele historie en de Spaanse professor maakte er in haar lezing dan ook geen woorden aan vuil. Ik vond het echter nodig om dit ter sprake te brengen, dus toen aan het eind van de lezing nog wat vragen gesteld konden worden, heb ik mijn kans schoon gezien.

Ik begon mijn vraag met een inleiding en vertelde over mijn bezoek aan Gibraltar en dat ik op deze manier voor het eerst kennis kreeg van de Vrede van Utrecht. De vraag die ik stelde was uiteindelijk als volgt: “Hoe denkt men op dit moment in Spanje over het bestaan van Gibraltar?” Toen ik de vraag stelde ging er een siddering door de zaal. Heel veel geroezemoes. Het publiek bestond voor een groot gedeelte uit mensen die Spanje een warm hart toedragen en het leek erop dat ik een vraag stelde die je eigenlijk niet mocht stellen aan iemand uit Spanje.

David Onnekink, haar co moderator, nam het woord en zorgde ervoor dat de eerste angels al een beetje werden verwijderd.  Hij liet de Nederlandse kant van het geheel horen. Gibraltar is op 4 augustus 1704 gezamenlijk ingenomen door Britten en de Nederlanders. In zijn ogen had Nederland net zo veel aanspraak op Gibraltar als de Britten. De zaal kon deze inbreng wel waarderen, ook ik vond dit wel een interessante invalshoek. Misschien moeten wij Gibraltar maar gaan toevoegen aan ons koninkrijk.

Daarna nam Ana Crespo Solana het woord. Ze draaide er een beetje omheen. In ieder geval bevestigde ze zeker niet dat Gibraltar het recht op onafhankelijkheid had op grond van de Vrede van Utrecht. Als kind woonde ze in de buurt van Gibraltar en is ze er vaak geweest, vooral omdat Spanjaarden daar heen gingen voor de goedkope sigaretten. Ze zei verder dat het bestaansrecht van Gibraltar is gebaseerd op haar gunstige belastingtarieven. En dat de veranderingen in Europa ervoor gaan zorgen dat uitzonderingen voor bepaalde landen worden teruggeschroefd, met ander woorden dat uiteindelijk het bestaansrecht van Gibraltar zal wegvallen. Ze voegde er nog niet aan toe dat Gibraltar dan weer onderdeel van Spanje zou gaan worden, maar dat bedoelde ze denk ik wel. Het is wel duidelijk dat het thema Gibraltar in Spanje nog altijd een heikel punt is.


Het serieuze gedeelte van de avond was nu afgelopen. Als toetje kregen we eerst nog een miniconcert van 30 minuten van het vrouwelijk muziekensemble Primula. Hun programma heette: “Luces barrocas en la Paz de Utrecht” en bestond uit vier stukken die zo rond 1713 zijn gecomponeerd.

De avond werd afgesloten met een borrel. De Spaanse wijn was overvloedig aanwezig. Ik raakte in gesprek met een Zweed en een Engelsman. Beiden wisten ze ongelofelijk veel van de Spaanse Successieoorlog en alles wat er in die tijd gebeurde in Spanje, Nederland en Engeland. Ze waren er ook niet voor niets, de volgende dag zou er nog een conferentie zijn over hetzelfde onderwerp, maar dan voor professionals. Ik heb gepoogd af een toe nog wat in te brengen, maar het merendeel van de tijd heb ik aandachtig toegeluisterd.

Ik ben dol op geografische afwijkingen, dus van mijn part mag Gibraltar tot in lengte van dagen onafhankelijk blijven. Om dezelfde reden kan ik waardering opbrengen voor de Spaanse bezittingen in Afrika: Ceuta en Melilla. Deze hoeven wat mij betreft ook niet overgedragen te worden aan Marokko. Die gekkigheden moeten gewoon lekker blijven bestaan!

De Spanjaarden, Europa en de Vrede van Utrecht


De Vrede van Utrecht bracht grote politieke en economische veranderingen in Europa waarvan sommige nog steeds doorwerken in onze tijd. De Spaanse specialiste Ana Crespo Solana en de Nederlandse specialist David Onnekink gaan in gesprek over de gevolgen van het Vredesverdrag voor Nederland en Spanje.

De verdragen in Utrecht, Rastadt en Baden (1713-1714), bekend onder de naam Vrede van Utrecht, brachten verandering in de verdeling van Europa en hadden politieke en economische gevolgen voor veel Europese landen. Engeland en Oostenrijk hadden er het meest voordeel bij. Dat gold vooral voor Engeland, dat verschillende gebieden verwierf, zoals Menorca en Gibraltar en gebieden in Amerika. Bovendien bracht het Engeland belangrijke commerciële voordelen, zoals in de Atlantische handel. Afgezien van de verschuivingen in territorium en politiek, was dit het begin van een machtsevenwicht dat van belang zou zijn voor de toekomstige verhoudingen op het oude continent. In Spanje kwam een einde aan de Successieoorlog, die een scheuring teweegbracht tussen de aanhangers van de verschillende koninkrijken en gebieden die samen de Spaanse Monarchie vormden.

In deze lezing (georganiseerd in samenwerking met Embajada de España -de Ambassade van Spanje-) komt aan bod welke verstrekkende gevolgen deze oorlog en de genoemde verdragen voor Spanje hebben gehad. De gevolgen worden gezien in het licht van de toenmalige Europese dynamiek, maar ook wordt duidelijk hoe ze nog steeds doorwerken in onze tijd.

Na afloop zullen studenten van het Utrechts Conservatorium een concert verzorgen met achttien eeuwse muziek.

Taal: Spaans en Nederlands met simultaan vertaling in het Engels.

woensdag 5 juni 2013

Hoe ziet het met de opvolging van Kagame?

Pas een dag van te voren hoorde ik van een conferentie op 4 juni in Den Haag over de toekomst van Rwanda. Voor mij was dat helaas te laat om er nog bij te zijn. Ik had er graag bij willen zijn, maar dat ging niet meer lukken. Had ik eindelijk ook eens oog in oog kunnen staan met de beroemde Paul Rusesabagina. Maar misschien komt er wel eens een volgende keer, want het duurt nog tot 2017 voordat Paul Kagame zijn opvolger heeft gevonden. Dus er zal nog wel eens vaker over gepraat worden dan alleen op 4 juni.

Ik zie dat de Rwandese ambassadeur ook uitgenodigd is. Zal me verbazen dat hij is komen opdagen, want dan zou hij in moeten gaan over allerlei speculaties over hoe het nu verder moet gaan in Rwanda. Ik vraag me af of hij denkt dat hij daar een mandaat voor heeft.

Ik ben benieuwd wat het resultaat zal zijn van deze conferentie en wacht de uitkomsten af. Dit was de uitnodiging.
Rwanda: Is there a future without Paul Kagame?
CONFERENCE ON RWANDA
Nieuwspoort, June 4, 2013.

In 2017 new presidential elections are held in Rwanda. Paul Kagame cannot be re-elected for a third time. It’ll be agonizing times for the opposition. Crucial is the question: what happens with Rwanda if Paul Kagame is no longer head of state. Is Rwanda ready for a new leader and a new form of leadership? And if yes, which leader and which form of leadership? And can The Netherlands be of help?

Speakers will be Helen Hintjens, lector at the Institute of Social Studies, Alphons Muleefu, researcher at the University of Tilburg, Paul Rusesabagina, ex-manager Hotel Milles Collines, Kris Berwouts, former CEO EurAc and specialist Great Lakes Region and Olivier Nyirubugara, lecturer at Erasmus University. Also invited is the Rwandese ambassador in the Netherlands.

Lawyer Jan Hofdijk and Africa-journalist Anneke Verbraeken will try to manage the debate.

The Netherlands has a double face if it comes to Rwanda. It postponed financial aid, because of the Rwandan support of the rebels of M23, but also poured a lot of money and effort into Rwanda to improve the judicial system. One can ask if that money is well spent; there are questions about the independency of the judges for example. How important is an independent judicial system for the future of Rwanda?

The darling of the international community got tainted since the previous elections in 2010. There is criticism on the lack of political space. A UN-report, publicised autumn 2010 accused Rwanda of genocide in East-DRC; last year several reports were published concluding Rwanda was supporting the rebel group M23.  Rwanda is accused of theft of minerals, of theft of land (North-Kivu) and its president of dictatorial behaviour.

The proponents of Rwanda praise the economic growth, the political and social stability, the security and the amount of energy put in to the rebuilding of the country after the genocide in 1994.

Conclusions of the debate will be offered to the minister of International Trade and Development, the minister of Foreign Affairs and the minister of Justice.

Everybody who is interested is invited to participate.
Debate will be held in English. Registration is not necessary.

DATE: June 4, 2013 
TIME: 17.00-19:30 hrs

PLACE: International Press Center, Nieuwspoort, Lange Poten 10, Den Haag

donderdag 23 mei 2013

Granaten in Kimironko

Plotseling hoor je dan nieuws waarvan je schrikt. Granaataanslag op de markt van Kimironko. Ik ken de markt van Kimironko goed. De markt staat in de wijk waarin ik woonde en ik kwam er haast dagelijks. Ik kwam er in ieder geval dagelijks langs, want de markt ligt naast het busstation. Vanaf het busstation vertrokken de minibusjes naar mijn werk of de wat grotere bussen naar de binnenstad.


De markt beslaat een enorme grootte. Het is geen open stuk waar iedereen maar vrij in en uit kan lopen. Aan drie kanten (noord, west en zuid) wordt het omheind door een stenen muur. Aan de oostkant bestaat een gedeelte van de omheining voor het grootste deel ijzeren tralies met meerdere ingangen. Aan de zijdes die worden gevormd door muren bevindt zich telkens maar een ingang.


De markt gaat al heel vroeg open in de ochtend. Zo vroeg dat ik dat nog niet heb meegemaakt. ’s Avonds om half acht gaat de markt weer dicht. Alle dagen van de week is de markt geopend, behalve op de laatste zaterdagochtend van de maand, want dan is het umuganda.
 
Om de een of ander reden is de muur van markt helemaal groen geschilderd met als opschrift Royco. Blijkbaar is deze beschildering gesponsord door deze soepfabrikant. Het vreemde is wel dat ik in geheel Rwanda nooit een pakje Royco ben tegengekomen. Dus wat daar nu achter zit is voor mij heel onduidelijk.
 
Binnen de muren die om de markt heen bevinden zich allerlei kleine winkeltjes. Achter deze winkeltjes bevindt zich een open galerij die een scheiding vormt met het eigenlijke gedeelte van de markt. De open galerij wordt vaak ingenomen door de enorme trossen bananen van de bananenverkopers. Dit zijn niet de gewone bananen voor verse consumptie maar bakbananen.

Op de rand van de open galerij bindt zich ook ons fruitmannetje Sabiti.  De overheerlijke passievruchten kochten we altijd bij hem, maar ook mango’s en limoenen. Zijn fruitstal bevindt zich vlak bij de ingang aan de westkant van de markt.  
 
Laat er nu op 26 maart een granaat zijn gegooid in het gebied tussen het busstation en de ingang aan de westkant van de markt. Ik kan me heel goed visualiseren waar deze granaat is terechtgekomen. Ik heb er vaak genoeg zelf gelopen. Het is een stuk hobbelige weg tussen het busstation en de markt, modderig als het geregend heeft, uitgehard als het weer dagen droog is. Auto’s komen er niet, wel fietsers en brommers, maar er wordt vooral veel gelopen.
De schade bestaat uit een dode en acht gewonden. Van Sabiti hebben we inmiddels begrepen dat hij ongedeerd is, hij was wel op de markt toen het gebeurde. Sabiti zegt dat het om 18.45 uur gebeurde terwijl hij naar de BBC aan het luisteren was. Het slachtoffer dat is overleden was een jonge vrouw. Normaal is zo’n aanslag natuurlijk geen nieuws, veel te ver van ons bed, maar nu het een plek is die ik ken en waar ik geweest ben, wordt dat opeens anders. Dan komt het veel dichterbij.
Zo nu en dan is er sprake van granaataanvallen in Rwanda, vooral in aanloop naar de herdenking van de genocide op 7 april. Wat dat betreft valt deze aanslag ook helemaal in het patroon. De aanslag is ook altijd relatief klein, wel slachtoffers, maar niet te veel. Ook zijn binnen de kortste keren de verdachten al opgepakt. Deze keer waren de volgende dag twee gearresteerde in verband met deze aanslag. Hoe krijgen ze dat altijd ze snel voor elkaar? Over het verdere verloop van deze arrestaties moeten we meestal in het duister tasten. Zouden ze inmiddels al zijn veroordeeld? Of zijn ze allang weer vrijgelaten? En zijn deze twee alleen meer even snel gearresteerd om te laten zien dat de politie er bovenop zit?
In The New Times kon ik de volgende berichten vinden over de granaataanval.


Grenade blast kills one


A grenade explosion killed one person and wounded eight others yesterday in Kimironko suburb of Kigali, according to Police.

The grenade was tossed between the market entrance and the taxi park, according to eye witnesses.

Police Spokesperson Supt. Theos Badege said the incident occurred at 6.40 pm local time. Two people have so far been arrested in connection with the incident.

The injured were taken to Kibagabaga Hospital. Urging the public to remain calm, Police assured the public of security, adding that all suspects would be arrested.

Kimironko is one of the busiest areas of Kigali.

Two arrested over grenade explosion


Two people have so far been arrested in connection with last evening’s grenade explosion near a taxi park in the Kigali suburb of Kimironko, Police have said.

The explosion killed one person and injured eight others.

The injured were taken to Kibagabaga Hospital in Gasabo District.

Six grenade victims discharged



Six out of eight people who sustained injuries following last evening’s grenade explosion in Kimironko have been discharged.

According to authorities at Kibagabaga Hospital, two people who remained in critical condition were transferred to Kigali Teaching Hospital.

Meanwhile, Police remains vigilant and is calling upon the public to cooperate with authorities in order to ensure that similar incidences are detected before they happen.

“We remain on high alert and vigilant. We therefore call upon the general public not to panic and instead cooperate with us in reporting any suspicious activity to the nearest authorities,” Police Spokesman Supt. Theos Badege said.

Six grenade attack victims leave hospital


Six of the eight people, who sustained injuries following Tuesday’s grenade explosion in Kimironko, have been discharged from hospital.

According to authorities at Kibagabaga Hospital, two people who remained in critical condition were transferred to Kigali Central Teaching Hospital.

One person died on the spot when a hand grenade exploded near the entrance of Kimironko Market Tuesday evening.

Police urge calm


The Rwanda National Police said the incident should not be a cause for worry, adding that Police are on alert.

The Police also called upon the public to cooperate with authorities to ensure that similar incidents are detected in time.

“There is no cause for alarm, instead the public should cooperate with us by reporting any suspicious activity to the nearest authorities,” Police Spokesman Supt. Theos Badege said.

He said increased vigilance, public cooperation, and beefing up security in most social places was the only way such incidents can be prevented.

Although business had returned to normal in Kimironko, some traders who talked to The New Times expressed anxiety.

Innocent Bahizi, the chairperson Kimironko Market, said the attack mainly succeeded because of power blackout in the area.

“The attacker must have taken advantage of darkness,” Bahizi said.

Let’s join hands to flush out merchants of evil



Editor,

This is in reaction to the story, “Grenade blast kills one” (The New Times, March 27). Insecurity caused by those evil men and women of unprecedented grudge to the success attained by our government should not be offered a safe haven in Rwanda. The devil and the enemy of Rwanda are at it again.

Let us unite for the sake of bringing such inhuman activities to an end.

Together, we can alter the course of subversive elements in our society. Together, we can apprehend and prosecute the evil-minded and unpatriotic criminals with the intention of carrying out indiscriminate killings. Together, we can reverse the winds of brutality and advance unity and peace for all. Yes, together we can.

Rutabingwa,
Kigali


 

 

 

maandag 29 april 2013

Koninginnedag in Rwanda

Via Facebook heb ik onderstaande uitnodiging gekregen. Het wordt een beetje moeilijk om er bij te zijn, maar op de een of andere manier had ik het wil willen meemaken. Had ik een hele dag me kunnen laten fêteren op de residentie van de Nederlandse ambassadeur. Fijn dat het in Rwanda en Nederland dezelfde tijd is, kan er geen misverstand bestaan over de aanvangstijden.

 
 

Festiviteiten op 30 april voor de kinderen
Beste ouders,
30 April dit jaar is wel en heel bijzondere dag en dat willen we samen met de kinderen vieren. De Nederlandse school en de ambassade willen alle kinderen uitnodigen om op de residentie van de ambassadeur deze dag feestelijk te vieren. Het programma start om 09.30 en eindigt om 15.30.
Omdat 30 april een gewone schooldag is hebben we Dr Anna en Isabelle Petit van ISK en EBK gevraagd de Nederlandse en Vlaamse kinderen die dag vrij te geven. Het is wel de bedoeling dat de ouders dit dan wel nog melden aan de klassenjuf of meester. We willen de ouders die kinderen op Earth school en Kics vragen zelf toestemming te vragen aan de directeur/leerkracht. We hopen natuurlijk dat alle kinderen komen.
Organisatorisch is het niet mogelijk dit jaar op 30 april een vrijmarkt te organiseren. Wel zal de vrijmarkt later dit schooljaar nog gehouden worden.
We willen vragen of de kinderen uitbundig en feestelijk gekleed op een versierd vervoermiddel naar de festiviteiten kunnen komen. Oranje is de kleur maar een andere kleur is natuurlijk ook goed. Voor de lunch willen we graag een feestelijk buffet samenstellen voor de kinderen. We willen vragen of alle ouders hiervoor een gerecht willen bereiden. Een gerecht met de kleur oranje erin verwerkt zou leuk zijn (bv. oranje cakejes of een wortel salade) maar ook iets typisch Nederlands is welkom (bv. pannenkoekjes). We verwachten ongeveer 30 kinderen, maar het is niet de bedoeling dat u voor alle kinderen iets maakt, want dan hebben we veel te veel eten. U kunt het gerecht ’s ochtends meegeven met uw kind. Drankjes zullen door ons verzorgd worden.
We hopen natuurlijk dat alle kinderen komen en dat er ook veel ouders aanwezig zullen zijn om er met elkaar een gezellige dag van te maken. Werkende ouders zijn ook uiteraard ook welkom om een gedeelte van de dag bij te wonen.
We hebben nog enkele hulpouders nodig bij het spelletjescircuit dat we van 12.30 tot 14.00 spelen. Kunt u helpen mail Jan dan even.




Iedereen een fijne abdicatie en (laatste) Koninginnedag toegewenst!

woensdag 3 april 2013

“Nitkwa Bosco Ntaganda” zegt de Congolese soldaat

Oorlogsmisdadiger Bosco Ntaganda is aangekomen bij het Internationaal Strafhof om daar te worden berecht voor de misdaden die hij begaan heeft. Er zijn twee aanklachten ingediend. De eerste aanklacht is van 22 augustus 2006. Deze aanklacht van vijf pagina’s is toen verzegeld afgegeven en pas twee jaar later op 28 april 2008 is het zegel eraf gehaald. Geen idee wat dat verzegelen betekent en waarom het er op een gegeven moment weer is afgehaald. De tweede aanklacht is wat recenter en ook veel uitgebreider. Deze beslaat maar liefst 38 pagina’s en is uitgegeven op 13 juli 2012. 

De misdaden waarvoor hij wordt aangeklaagd zijn begaan in de periode van juli 2002 tot en met 8 december 2003 (eerste aanklacht) en in de periode september 2002 tot en met eind september 2003 (tweede aanklacht). Eigenlijk een vrij beperkte tijdsspanne, want hij is natuurlijk al jaren actief in het oosten van Congo. De aanklachten omvatten de volgende beschuldigingen:  

The first warrant of arrest for Bosco Ntaganda lists three counts of war crimes on the basis of his individual criminal responsibility under article 25 (3) (a) of the Rome Statute:

      i.        The enlistment of children under the age of fifteen;
    ii.        The conscription of children under the age of; and
   iii.        Using children under the age of fifteen to participate actively in hostilities

The second warrant of arrest for Bosco Ntaganda lists seven counts of crimes on the basis of his individual criminal responsibility as an indirect co-perpetrator under article 25 (3) (a) of the Rome Statute:

Four counts of war crimes:

      i.        Murder;
    ii.        Attack against the civilian population;
   iii.        Rape and sexual slavery; and
   iv.        Pillaging

And three counts of crimes against humanity:

     v.        Murder;
   vi.        Rape and sexual slavery; and
  vii.        Persecution

Op dinsdag 26 maart 2013 was er een eerste zitting van dit proces. Dat wilde ik meemaken. Die dinsdagochtend ben ik dus op tijd vertrokken om ervoor te zorgen dat ik het begin van dit proces om 11.00 uur niet zou missen. Ruim een half uur van te voren was ik aangekomen bij het gebouw van het Internationale Strafhof. Aan de rand van Den Haag staat dit gebouw in een wijk vol kantoren, vrij anoniem, afgezien van het prikkeldraad waarmee het is omsingeld. 
 

De vrees dat er geen plek meer zou zijn was onterecht. Ik kon gewoon nog terecht. Ik kreeg een kaartje en een plattegrond van de rechtszaal. Ik mocht naar de derde etage. De tribune op de eerste etage was voor de journalisten. De tweede etage was voor het gewone publiek, maar daar had ik geen kaartje voor gekregen. Op de derde etage bevond zich de tweede publieke tribune. Tegen inlevering van mijn kaartje kreeg een audioapparaatje voor de juiste vertaling indien gewenst. 

 
Op de tribune is plaats voor ongeveer 70 mensen. De tribune was goed gevuld, maar zeker niet vol. Op de voorste twee rijen zat een groep van ongeveer 40 studenten. Onderling converseerden ze in het Frans. Achterin de zaal zaten zo’n tien mensen waarvan ik vermoedde dat het Congolezen waren. Verder over de zaal zaten nog een tiental anderen zo her en der wat verspreid.  

Op de tribune is sprake van een prettig geroezemoes, vooral door de Franse studenten. Speciaal voor hen wordt nog even in het Frans uitgelegd hoe de audioapparatuur werkt. Elke keer als zo’n audioapparaatje met veel kabaal op de grond dondert zorgt dat voor hilariteit. Maar dat is niet besteed aan de twee vrouwelijke bewakers, die lijken van chagrijnig voor zich uitkijken hun beroep te hebben gemaakt. In eerste instantie zit ik naast een Congolees, hij ruikt echt zoals een Afrikaan kan ruiken, anders dan anderen, met een onderlaag van zweet en daar een laag van mottenballen overheen. Ondertussen zitten we allen te kijken naar geblindeerde ramen.  

Dan wordt het opeens stil. Ik vermoed dat het bijna elf uur is, het begin van de zitting. De jaloezieën voor de ramen gaan langzaam omhoog en we worden aangespoord om te gaan staan. Ver beneden zie ik de rechtszaal onder me. Er is plaats voor vijf rechters, maar er zit er maar een vrouwelijke rechter. Dat blijkt Ekaterina Trendafilova te zijn, afkomstig uit Bulgarije. Iedereen zit verder al op zijn plek. Ik zit echter zo ongelukkig, dat ik een groot deel van de rechtszaal niet kan zien. De verdachte kan ik helemaal niet zien. Ik besluit te verkassen naar de linkerkant van de zaal. Vanaf mijn nieuwe plek kan ik de verdachte net in een uithoek aanschouwen. Ik zit ook veel dichter bij het televisiescherm, waar het proces eigenlijk nog veel beter is te volgen. 

De rechter neemt het woord en heet iedereen welkom. Ze excuseert voor een vertraging van zeven minuten, want dat schijnt niet gebruikelijk te zijn bij het Internationale Strafhof. De fotograven mogen binnen komen om gedurende anderhalve minuut foto’s te maken. Ik verwacht een horde aan fotograven, maar het zijn er maar twee. Binnen de afgesproken tijd zijn ze klaar met het schieten van hun plaatjes. 


Voor de rechter zitten een zestal personen in functie. Volgens het bijgeleverde plattegrondje gaat her hierbij om mannen en een vrouw met de volgende functies: Chamber Legal Officers, Court Clerk, Assiociate Legal Officer en Courtroom Officer. Rechts vooraan zitten de aanklagers. Het is een team van vijf mensen onder leiding van mevrouw Fatou Bensouda uit Gambia. Links vooraan zit de verdediging. Het zijn er drie onder leiding van de Fransman Hassane Bel Lakhdar. Links achteraan zitten drie mannen die er zitten namens de Registry. Al deze mensen worden voorgesteld. Rechts achteraan zitten ook nog vier mensen die volgens het kaartje er zijn als Legal Representatives of Victims. Zij worden echter niet voorgesteld. Ik vraag me af waarom deze groep wordt vergeten bij het voorstellen. 

De rechter en al deze functionarissen zitten daar in toga. Bijzonder is het dat de toga van de rechter niet zwart is, zoals alle anderen, maar blauw. Waarom zou dit zijn? 

Helemaal links aan de zijkant zit dan de verdachte, koptelefoon op zijn hoofd, omringd door twee bewakers. Hij ziet er onberispelijk gekleed uit. De kleur blauw heeft de overhand. Een donkerblauw pak, een iets lichter gekleurd blauw overhemd eronder, gecomplementeerd met een stropdas die weer donkerblauw is, maar dan met accentuering door middel van een kleine, lichtblauwe, schuine streepjes. Verder een klassiek kaal geschoren hoofd en op zijn lip een klein vlassnorretje. Gesoigneerd zit het eruit, om door een ringetje te halen. 

De rechter richt zich tot Bosco Ntaganda. Zij wil zijn identiteit vaststellen. Wat zijn naam is, wanneer en waar hij is geboren, wat zijn nationaliteit is en zijn beroep. Tenslotte wil ze graag weten in welke taal hij wil worden aangesproken. Op dat laatste neemt ze al licht kritisch een beetje een voorschot door te zeggen dat zij gehoord had dat de verdachte in het Frans aan het communiceren was met zijn advocaat, maar dat hij toch graag zou worden aangesproken in het Kinyarwanda. 

Dan neemt Bosco Ntaganda voor het eerst het woord. Het gaat staan en zegt met een hele zachte stem: “Murakoze cyane”. Dat is onmiskenbaar Kinyarwanda. Dit is een van de weinige zinnen in het Rwandees dat ik heb onthouden en het betekent: “Hartelijk dank”. Dan gaat hij verder en zegt: “Nitkwa Bosco Ntaganda”. Ik weet ook nog wat dat betekent: “Ik heet Bosco Ntaganda”. Hij praat heel erg zachtjes, hij klinkt heel erg timide. Een beetje ineengekrompen doet hij zijn zegje. In niets lijkt hij nu op de generaal in een rebellenleger die orders uitdeelt aan zijn onderdanen. Hij lijkt zo typisch op de Afrikaan die onderdanig aan zijn baas een antwoord geeft op zijn vraag.  

De rest van zijn betoog kan ik niet meer volgen in het Kinyarwanda. De Engelse vertaler doet het verdere werk. Bosco is geboren op 5 november 1973 in Rwanda, maar hij is opgegroeid in Congo en heeft ook de Congolese nationaliteit. Als beroep geeft hij eufemistisch op dat hij soldaat is in Congo. Over de taal wil hij nog wel toevoegen dat hij wel wat Frans kan, maar dat hij zich beter kan uitdrukken in het Kinyarwanda. Deze beslissing zal er voor zorgen dat er nog wat extra kosten bijkomen voor het vertalen van alle documenten in deze taal. En het zorgt voor wat extra werkgelegenheid voor mensen die deze taal beheersen. 

Dan wordt de aanklacht voorgelezen door de Courtroom Officer. Als deze na vijf minuten klaar is vraagt de rechter aan de verdachte of hij de aanklacht heeft begrepen. Bosco Ntaganda geeft daarop aan dat hij deze begrepen heeft en voegt er gelijk aan toe dat hij zich niet schuldig acht. Daarop grijpt de rechter in en zegt de schuldvraag nu niet aan de orde is. Zijn uitspraak over zijn onschuld zorgt voor wat opschudding op de tribune, met name onder de Congolezen. Dat wordt snel de kop ingedrukt door een van de bewakers: “Silence please!”

Het wordt al tijd voor het afronden van deze eerste zitting. De aanklagers en de verdediging werden nog gevraag of ze nog opmerkingen hebben. De verdediging kwam nog met een opmerking. Ze zullen in de nabije toekomst gaan vragen om vervroegde vrijlating van de verdachte in afwachting van het proces. Dit lijkt mij echt een heel erg kansloos verzoek. Met een verdachte die jaren wordt gezocht en eindelijk in de rechtszaal is verschenen gaan ze niet het risico lopen dat hij verdwijnt voordat het proces begint. Ook deze opmerking zorgt logischerwijs voor onrust op de publiekstribune. 

De rechter geeft aan wanneer de echte rechtszaak zal gaan beginnen. Op 23 september 2013 om 13.30 uur zal het proces zijn aanvang nemen. In aanloop naar deze datum zullen nog wel wat voorbijeenkomsten plaats gaan vinden, voor het uitwisselen van informatie. Zes maanden de tijd krijgen de aanklagers en de verdediging om hun verhaal voor elkaar te krijgen. Deze zitting is nu voorbij. Het heeft 50 minuten geduurd. De rechter staat op en vertrekt. De mensen op de publiekstribune staan op. De jaloezieën gaan weer naar beneden. In een uithoek kan ik nog net zien dat Bosco Ntaganda een hand geeft aan zijn advocaat. 

Het is afgelopen. Het is nu niet meer stil op de leeglopende tribune. Vooral de Congolezen laten zich verbaal horen. Ik hoor de uitdrukking: “C’est ne pas possible!” Zij lijken vooral verbolgen over het feit dat hij in het Kinyarwanda wil worden aangesproken. Zij vinden dat hij als Congolees moet spreken in hun eigen taal of in het minst in het Frans. Het lijkt erop dat ze het een provocatie vinden dat hij Kinyarwanda wil gebruiken gedurende dit proces. Hier blijkt mijns inziens ook weer de grote kloof tussen Rwanda en Congo. De Congolezen zijn niet zo dol op Rwandezen, ook niet op de Congolezen die qua taal of achtergrond een binding hebben met Rwanda. In de hal beneden blijven ze druk met elkaar converseren, in het Frans en in hun eigen taal het Lingala. Ik vind het wel een boeiend inkijkje in de situatie omtrent het oosten van Congo. 


Buiten blijf ik nog een beetje lummelen om het gebouw van het Internationaal Strafhof goed te bekijken. De Congolezen komen ook naar buiten en blijven daar een poosje staan. Dan wordt de vlag van de DRC te voorschijn gehaald. Ze gaan er met een groepje achterstaan en er worden foto’s gemaakt. Ook staat er iemand video-opnamen te maken. Verschillende sprekers nemen het woord om in het Frans hun zegje te doen. Ik ben benieuwd wie dit zijn en waarom ze hier aanwezig zijn. Zou die video nog ergens worden uitgezonden? 


Ik besluit om de vragen te laten zijn wat ze zijn en huiswaarts te keren. Ik constateer nog wel even op de valreep dat de vlag verkeerd om wordt vastgehouden. Zoals de Congolezen de vlag nu houden staat de gele ster rechtsboven. De gele ster hoort linksboven te staan.