zondag 10 januari 2021

Ring Utrecht

Onlangs kreeg ik een mooi schrijven in de bus van een echt ministerie. Van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het ging over het ontwerptracébesluit A27/A12 Ring Utrecht. In 2016 had ik blijkbaar in alle wijsheid ook een paar zienswijzen ingediend over dit voorstel. Nu zo´n vier jaar later eindelijk een antwoord. Ach, beter laat dan nooit.

En er was de afgelopen jaren ook best wat te doen over dit besluit. Dan had de Raad van State er weer iets over gezegd. En dan was er weer een weerwoord van de minister. Echt helemaal gevolgd had ik het niet echt meer. In de brief stond dat het besluit met bijbehorende stukken ter inzage lag op diverse plekken. Ik koos voor het kantoor van Rijkswaterstaat Midden Nederland. Een mooie gelegenheid om dat gebouw ook van binnen eens te kunnen bekijken.


De eerste week van januari heb ik deze plek bezocht. Van achter de balie werd ik verwezen naar een grote kast waar alles in zou liggen. Ik schrok wel een beetje van de hoeveelheid. In totaal 24 mappen met besluiten, kaarten, tabellen en andere documenten. Zo veel informatie dat het voor een normaal mens nauwelijks is te bevatten.





\

Ik kreeg twee brieven omdat ik twee zienswijzen had ingediend. Aan de hand van de brief en het zienswijzenummer ben ik wat verder in de materie gaan duiken.

Mijn eerste zienswijze betrof de A27 en mijn voorstel was het om een flinke lange tunnel (van knooppunt Lunetten tot en met de A28) te maken in plaats van de nu voorgestelde overkapping, die maar voor beperkte lengte over de A27 wordt aangebracht. Het voordeel hiervan is flink veel meer groen en veel minder geluidsoverlast. Als antwoord kreeg het de volgende reactie: Een tunnelvariant is onderzocht in de milieu-effectrapportage eerste fase en is afgevallen om verschillende redenen. Bovendien kan een knooppunt niet in een tunnel gelet op de regelgeving ten aanzien van tunnelveiligheid. En dan nog een verwijzing naar een algemeen antwoord over tunnels. In mijn ogen een flinke dooddoener. Hier moet je dan maar mee doen.



Mijn tweede zienswijze was voor de A12. Van mijn part hoeft de A12 niet te worden verbreed, maar om onze stadsboulevard ’t Goylaan een beetje te ontlasten, lijkt mij het het beste om te voorzien in een knip in de stadsboulevard en tegelijkertijd de A12 toch maar te verbreden, zodat het verkeer van Lunetten naar Kanaleneiland daar gebruik van kan maken.

Mijn voorstel was om in plaats van een wand van 7 meter een complete overkapping te bouwen. Dat leek me de beste oplossing ter bestrijding van geluidsoverlast en fijnstof. Als antwoord een beetje een omslachtig antwoord: Voor Hoograven is een bovenwettelijke maatregel voorzien. Deze aanvullende maatregelen worden getroffen om de geluidsbelasting verder te verlagen, maar maken geen deel uit van het tracébesluit. En dan wordt er verwezen naar een apart besluit waarin wordt geregeld dat het scherm wordt verhoogd van 7 meter naar 9 meter. En wordt er verder wederom verwezen naar het algemene antwoord over tunnels. Ook hier in een weinig bevredigend antwoord.

Ik heb een en ander doorgebladerd zover ik kon begrijpen waar het over ging. Maar wat moet je hier nu mee? Iedereen mag nu beroep aantekenen, maar wat heeft dat voor zin? Wat gaat dat nu nog veranderen? Om beroep aan te tekenen moet je nu ook nog betalen, € 179 voor particulieren en € 354 voor organisaties. Dan moet je wel zeeën van tijd hebben om het hele besluit tot je te nemen en een beroepsprocedeerder zijn om beroep aan te tekenen. Door beroep aan te tekenen, kun je in ieder geval de boel weer flink rekken. In mijn ogen ook weer onwenselijk, laten we nu maar even doorpakken met dit besluit, dan hebben we dat weer gehad.

Er moeten ook flink wat ambtenaren bezig zijn geweest om op elke zienswijze een passend antwoord te geven. Wat een werk is dat geweest en wat een onbevredigend resultaat heeft dit opgeleverd. Het resultaat is een bureaucratisch moeras waar een gewone burger niet meer uit kan komen. En dat alles onder het mom van inspraak en transparantie.

 

zondag 29 november 2020

Sinterklaas is aan het wegkwijnen

 Eind november heb ik een kleine rondgang gemaakt in de binnenstad van Utrecht. En op de een of andere manier beviel het niet. Mogelijk heeft het te maken met corona, maar op de een of andere manier zit de sfeer er niet in. Het voelt allemaal heel mismoedig aan. Misschien komt het ook wel door de aankleding. In de hele binnenstad is bijna geen enkele duiding van Sinterklaas meer te bekennen. Hij lijkt wel uit de binnenstad te zijn verdwenen. Ik kan me uit vroeger tijden nog wel herinneren dat in de dagen voor 5 december overal de figuur van Sinterklaas aanwezig was om de kooplust te bevorderen. De discussie rondom Zwarte Piet zal zeker debet zijn aan het verdwijnen van Sinterklaas in het publieke gebied. Om bepaalde mensen zogenaamd niet voor het hoofd te stoten is tegelijk met Zwarte Piet blijkbaar ook Sinterklaas maar terzijde geschoven.

In de binnenstad kwam ik dus geen enkele afbeelding van Sinterklaas tegen. Hij lijkt hier echt te zijn weggekwijnd. Het gekke is dat ik juist wel afbeeldingen van Zwarte Piet ben tegengekomen. Weliswaar verminkt, maar toch.

Bij Broese hebben ze het hoofd van Zwarte Piet heel toepasselijk vervangen door een boek. Deze Boekenpiet is dan niet een echte Zwarte Piet, maar het lijkt er toch wel heel erg op.

In De Bijenkorf is ook nog een relikwie uit vervlogen tijden te aanschouwen. In vroeger tijden hing er altijd een vliegende Zwarte Piet te zweven in het binnenste van de vestiging. Nu hebben ze zijn gezicht vervangen door iets merkwaardigs van gele substantie. Het lijkt nu wel een soort zombie met buitenaardse dimensies. Ik vind die Zombiepiet dan ook wel weer wat hebben.

De binnenstad is natuurlijk wel vol met verwijzingen naar Kerst. Waar is de tijd gebleven dat de kerstversieringen pas op 6 december tevoorschijn kwamen in de winkels. Met als dieptepunt De Bijenkorf die vanaf eind oktober al helemaal vol staan met kerstbomen en andere kerstkitsch. Mooi dat Zombiepiet daar nog tussen mag hangen.

Utrecht is natuurlijk eigenlijk al een verloren zaak. De binnenstad is gewoon een kopie van het winkelbestand in andere grote steden. En dat geldt niet alleen op steden in Nederland, maar ook van ver daarbuiten, tot aan Azië toe. De gelijkschakeling heeft in Utrecht allang plaatsgevonden, zodat er plaats is voor de universele mens.






Dan maar even de provincie in. Om te kijken of daar Sinterklaas ook al is verdwenen. Ik heb een willekeurige provincieplaats bezocht. Ik noem geen namen, want voor je het weet gaat een een of ander actiecomité ermee aan de haal om de plaatselijke winkeliers dan onheus te gaan bejegenen.

En ja hoor, gelukkig is Sinterklaas daar nog volop aanwezig. En gelukkig Zwarte Piet ook nog. Ik was blij om dat te zien en het mismoedige kon ik hier gelukkig achter me laten. Maar hoelang zal dit nog blijven? Ik hoop dat tenminste in de provincie Sinterklaas nog zal blijven bestaan, zodat ik in de toekomst in de dagen voor 5 december nog even kan vluchten naar een plek waar ik me thuis kan voelen.

 

zaterdag 14 november 2020

Mijn naam is haas

Opeens zit er dan zo’n liedje in je hoofd, zo´n oorwurm en het gaat er ook niet meer uit: “Mijn naam is haas.” Een liedje uit lang vervlogen tijden, alsof het verleden je zomaar aan het inhalen is. 

Waarschijnlijk ergens een schuldgevoel, ergens heb ik mogelijk iets ontkend dat ik niet zou moeten ontkennen. Of komt het door de toeslagen affaire? Ik dacht dat het een lied van het Cocktail Trio was, maar dat bleek niet juist te zijn, het is van het Lowland Trio. En dit is het onvergetelijke meezing refrein:

Ja, mijn naam is haas, ik weet van niks
Is hier wat gebeurt dan
Daar weet ik niks van
Van mij niets te vrezen
Ik moest hier effe wezen
Mijn naam is haas en ik weet nergens van

Maar dit lied is natuurlijk geen origineel. Van oorsprong komt Mein Name ist Hase uit Duitsland en wordt het gezongen door Chris Roberts. In 1971 zong hij het volgende refrein:

Mein Name ist Hase,
ich weiß von nichts!
Ist hier was geschehen?
Ich hab nichts gesehen!
Nur Gras und Klee
und im Winter viel Schnee.
Mein Name ist Hase,
ich weiß nicht Bescheid

Nog leuker wordt het als terug gaat naar de oorsprong van het lied. De oorsprong gaat terug naar 1855. Het lied gaat niet over een haas, maar over een persoon. Een Duitse student (hiervan is de naam blijkbaar niet bekend) had in een duel iemand doodgeschoten en wilde naar Frankrijk vluchten. Om de grens over te komen had hij echter een persoonsbewijs nodig. Dat kreeg hij van een medestudent, genaamd Victor Hase (1834-1860). Hase meldde vervolgens dat hij zijn identiteitskaart verloren had. Later werd zijn kaart toevallig gevonden in Frankrijk, waar de moordenaar de kaart verloren had. De man die echt Victor Hase heette moest daarop in Duitsland voor de rechtbank verschijnen, maar zei "Mein Name ist Hase, ich verneine die Generalfragen, ich weiß von nichts." Of hij is weggekomen met deze uitspraak vermeldt het verhaal helaas niet.

Victor Hase wordt ook wel Victor von Hase genoemd. Eigenlijk zou het lied dan “Mijn Name ist von Hase” moeten zijn, maar misschien zingt dat wat minder lekker. Mogelijk heeft hij de toevoeging von postuum gekregen, omdat zijn vader Karl August Hase in 1883 in de adelstand is verheven. Vanaf dat moment mocht hij zich Karl August von Hase noemen.

Wel bijzonder dat zo’n kleine gebeurtenis voortleeft in een uitspraak die nu nog steeds (af en toe) wordt gebruikt.

 

zondag 1 november 2020

Amerikaanse verkiezingen

Het duurt niet lang meer, of daar zijn ze dan, de Amerikaanse verkiezingen van 3 november. Heel veel nieuws over Trump en Biden en beide kandidaten spreken mij niet echt aan. Trump is natuurlijk Trump met al zijn onhebbelijkheden, dus die liever niet. Maar gaan we zo veel beter af zijn met Biden?

Kijk daarom eens verder dan deze twee kandidaten. Er dingen nog veel meer mensen naar het presidentschap. Als ik even naar mijn favoriete staat Texas kijk zie ik dat er nog twee mensen meedoen. Dat zijn Jo Jorgenson voor de Libertarian Party en Howie Hawkins voor de Green Party.

Wist u trouwens dat 1.224 mensen zich aangemeld hebben om mee te gaan doen aan de presidentschap verkiezingen?

In Florida doen er trouwens nog meer mee. In totaal zijn het er hier zeven. Als extra hier hebben we hier Rocky de la Fuente (Reform Party), Gloria La Riva (Party for Socialism and Liberation) en Don Blankenship (Constitution Party).

Maar in Mississippi doen ze daar nog weer een schepje bovenop met een totaal van negen kandidaten. Als extra hier hebben we Brian Carroll (American Solidarity Party), Phil Collins (Prohibition Party), Brock Pierce (Independence Party), wederom Don Blankenship en warempel ook nog Kanye West. Hij doet dus toch mee! En zijn partij heet Birthday Party, wel een hele leuke naam.

Ik zou zeggen mijn stemadvies gaat uit naar Jo Jorgensen.

In de peilingen staat Joe Biden flink voor, maar dat zijn natuurlijk peilingen. Vier jaar geleden bleken die er ook flink naast te zitten. Vier jaar geleden heb ik nog een mooie fles wijn gekregen omdat ik in een weddenschap heb voorspeld dat Trump zou gaan winnen. Eigenlijk zegt mijn onderbuikgevoel dat ook deze keer Trump toch gaat winnen. Misschien is er wel iemand die een weddenschap wil aangaan voor dit jaar?

woensdag 8 juli 2020

1493 - Charles C. Mann

En toen ben ik begonnen aan dit boek met de titel 1493. Een boek van ruim 500 bladzijden vol met informatie om echt te lezen. En dan nog afgerond met 150 bladzijden die ik niet heb gelezen, namelijk de voetnoten, verwijzingen naar andere literatuur en een register. De laatste bladzijde van het boek heeft nummer 688. Oftewel een veel te dikke pil, maar toch echt gelezen.

Het boek staat zo boordevol met informatie en feiten dat het eigenlijk veel te veel is om allemaal op te slaan. Dan maar proberen om de hoofdlijnen vast te houden en dat valt ook nog niet mee. Het gaat in ieder geval over de vraag wat er gebeurde met de wereld vanaf 1493, nadat Columbus op 12 oktober 1492 arriveerde op een eiland ergens in de Bahama’s.

De schrijver noemt het de Columbiaanse uitwisseling. De uitwisseling van mensen, dieren en planten vanuit Europa, Azië en Afrika naar Amerika en andersom. Het begin van de echte globalisering. En die uitwisseling heeft positieve dingen gebracht, maar ook negatieve.

Dan is het nu wel toevallig dat er juist nu zoveel aandacht is voor de negatieve kant van de zaak. Er zijn nu dus idioten die het standbeeld van Columbus omverhalen, omdat hij voor zo veel leed heeft gezorgd. Alsof ze de geschiedenis alsnog met terugwerkende kracht willen veranderen. Alsof ze denken dat het mogelijk is om de globalisering terug te kunnen draaien.

Nu was Columbus ook geen lieverdje, echt een kind van zijn tijd. Een despoot die het niet zo nauw nam met mensenrechten van de plaatselijke indianen en ook de bemanning van zijn schepen had het vaak kwaad te verduren. Maar het was wel een man met ideeën, en ook waanideeën, en daarnaar handelde. Met als gevolg de ontdekking van Amerika, maar eigenlijk nog meer, namelijk de schepping van hele nieuwe wereld. Met recht heeft deze man dus recht op een standbeeld.

Een voorbeeld aan Columbiaanse uitwisseling is natuurlijk de aardappel. Deze heeft een zeer positieve invloed gehad op het leven in Europa. Dit zorgde voor een toename van basisvoedsel voor de bevolking en dus voor minder honger en meer welvaart. Gelijk zit er ook weer een negatieve kant aan, omdat in Europa er veel meer monocultuur was wat betreft de aardappel, gaf dit ook weer de kans aan de aardappelziekte om toe te slaan, met als gevolg enorme hongersnood.

De slavenhandel is natuurlijk ook zo’n Columbiaanse uitwisseling. Nu was het houden van slaven tot nog niet zo lang geleden heel gewoon. Er werden slaven gehouden in Afrika, Europa en Azië. Ook de indianen in Amerika deden aan slaven. Het was alom. Nieuw was de trans-Atlantische slavenhandel. De omstandigheden waren zo slecht dat vele slaven ontsnapten en dat zorgde voor nog meer vraag naar nieuwe slaven. De ontsnapte slaven vermengden zich vervolgens weer met de plaatselijke indiaanse bevolking. Nog een Columbiaanse uitwisseling.

Zo staat dit boek vol met allerlei voorbeelden van de Columbiaanse uitwisseling. Positief en negatief. Het doet je beseffen dat de ontdekking van Amerika veel meer teweeg heeft gebracht dan alleen maar die simpele ontdekking. Stel dat Amerika nu nog steeds niet was ontdekt, hoe had de wereld er dan uitgezien? Dan kan je nu eigenlijk niet meer bedenken. De wereld is gewoon anders geworden. Wie weet wat de komende 500 jaar ons gaat brengen.


maandag 22 juni 2020

De kunst van het sprinten - Martin Bons

Nog een wielerboek, ook weer gekregen van mijn broer. Het derde boek van Martin Bons. Recent heb ik zijn debuut gelezen, genaamd De kunst van het dalen. Tussendoor is dan nog De weg omhoog verschenen, als ik me niet vergis zal dit over klimmen gaan. En nu dan dit boek over sprinten.

Dit boek is min of meer op dezelfde wijze geschreven als zijn eerste boek. Een persoonlijk verslag van een sprintwedstrijd afgewisseld met anekdotes over sprinters tijdens wielerwedstrijden, met de nadruk op de Tour de France.

De schrijver neemt jaarlijks deel aan een amateurwedstrijd. Het parcours is vlak, dus is het altijd een wedstrijd voor sprinters. Hij is geen goed sprinter, maar wil nu eindelijk een keer winnen of op zijn minst op het podium komen. Daarom neemt hij lessen in sprinten en probeert hij zo veel mogelijk over de techniek van het sprinten te weten te komen.

Was zijn vorige boek een vrij eenzaam verslag over een afdaling. Nu zit hij met allerlei concurrenten in de koers, dus wat dat betreft is de teneur van het boek wel heel anders. Op de een of andere manier boeit dit toch minder dan zijn vorige boek. Tijdens het boek houdt de schrijver goed het zicht op zijn concurrenten in de wedstrijd. Dan ligt Koen weer voor en Tijs weer achter en dan komt Ronald er weer tussendoor. Maar deze mensen ken ik niet en op gegeven moment kan het me niet meer schelen wie er op kop ligt en wie er afgewaaid is. Laat de wedstrijd zo snel mogelijk voorbij zijn, dan hebben we dat gehad.

Gelukkig zijn er tussendoor veel verhalen over spectaculaire sprints in met name de Tour de France en op welke wijze een bepaalde sprinter in staat is geweest om deze sprint te winnen. Leuk om te lezen, al blijf het toch een beetje tweede keuze. Wielrennen is vooral leuk als er geklommen wordt en goede klimmers zijn de grootste helden. Sprinters zijn nodig voor die ellenlange etappes waarin niets gebeurt tot in de finale.

Best een aardig boek, maar minder dan de vorige die ik van hem gelezen heb. Ben wil benieuwd waar zijn volgende boek over zijn gaan. Over tijdrijden?


dinsdag 16 juni 2020

De kunst van het dalen - Martin Bons

Een wielerboek, wederom gekregen van mijn broer. Ik vind wielrennen wel leuk en het was dan ook fijn om eindelijk eens een boek over wielrennen te gaan lezen. En dan meteen ook een boek over dalen.

De schrijver vindt dat dalen in het wielrennen ondergewaardeerd wordt. Er is altijd veel aandacht voor de klimmers, die worden het meest bewonderd, maar in zijn ogen hoort dalen er ook bij en een goede daler kan juiste met zijn uitstekende daalkunst hiermee een wedstrijd winnen. In de Tour de France is natuurlijk wel een bolletjestrui voor de beste klimmer, maar waarom is er geen aparte trui voor de beste daler?

In het boek wordt een persoonlijke afdaling gecombineerd met diverse verhalen en anekdotes over geslaagde en minder geslaagde afdalingen in verschillende wielerkoersen, en dan met name in de Tour de France.

De persoonlijke afdaling is die van de Col de la Croix-de-Fer (2.062 meter hoog) via Le Rivier d’Allemont langs Lac du Verney naar Allemont (771 meter hoog). Volgens Google is het Allemond, maar dat maakt de afdaling niet anders. De schrijver is een redelijke klimmer, maar een slechte daler. Hij heeft in de jaren voorafgaand aan deze afdaling gepoogd om zijn daalkwaliteiten te verbeteren door middel van training en door er veel over te lezen.

Het is wel mooi een gedurende het boek meegenomen te worden in deze afdaling, met soms heel gemakkelijke stukken, maar ook met flink steile stukken en die laatste zorgen dan ook flink veel angst op zijn tijd. Onderweg wordt hij ook nog een keer ingehaald door een andere wielertoerist en dan voel ook met hem mee. Hij zou wel willen aanhaken, maar hij durft het niet. Het mooie van dit boek is dat je eigenlijk ook zelf wel op de fiets zou willen stappen om ook deze fietstocht te gaan doen.

Ondertussen worden er diverse verhalen over verschrikkelijke valpartijen, met soms de dood als gevolg, maar ook over heroïsche kunststukjes van daalkwaliteiten die dan weer gezorgd hebben voor prachtige overwinningen of smadelijke nederlagen.

Een zeer aangenaam boek dat lekker vlot wegleest. En wat mij betreft komt er inderdaad gewoon een aparte trui voor de beste daler.